Er moet een retributie bepaald worden voor de activiteiten en aankopen in de gemeentelijke scholen.
Volgens het decreet lokaal bestuur moet de gemeenteraad enkel nog zelf beslissen over het kader en de bijzondere voorwaarden van de retributies.
Het vaststellen van o.m. de tarieven van een retributie en de wijze van inning kan gedelegeerd worden aan het college van burgemeester en schepenen.
Tijdens het schooljaar kunnen wel eens wijzigingen voorkomen inzake activiteiten e.d. Via een delegatie kan hier vlugger op ingespeeld worden door de tarieven hieraan aan te passen.
Er zijn 3 gemeentelijke scholen en elke gemeentelijke school kan andere accenten in zijn beleid en activiteiten leggen. Voor elke school kan een apart tarief bepaald worden.
De bepaling van de tarieven zal redelijk en in de lijn van de dienstverlening en de kostprijs liggen.
Deze retributie wordt ook besproken op de schoolraden.
Het college van burgemeester en schepenen zal rekening houden met de bepalingen in het decreet basisonderwijs omtrent de maximumfactuur om de tarieven van de retributie vast te stellen.
Decreet lokaal bestuur.
Omzendbrief Vlaamse regering KA/ABB 2019/2.
Decreet basisonderwijs d.d. 25 februari 1997, zoals later gewijzigd.
De gemeenteraad heeft in zitting van 29 augustus 2017 het retributiereglement voor de gemeentelijke scholen goedgekeurd.
De Gemeenteraad besluit, met 15 stemmen voor (Dieter Wouters, Mai Van Thillo, May Aernouts, Sus Vissers, Kris Van Looveren, Rit Luyckx, Katrin Kempenaers, Pieter Cools, Lynn Vermeiren, Els Van Hasselt, Leo Geysen, Ilke Pompen, Roger Aernouts, Thijs Ruts en Jan Van Looveren) en 8 stemmen onthouding (Koen Van Putte, Amber Vermeiren, Eric Holemans, Ben Gagelmans, Marc Vanden Branden, Wim Vorsselmans, Jasmijn Meirsman en Harry Smeulders).
Met ingang vanaf 1 janauari 2020 en voor een periode eindigend op 31 december 2025 wordt een retributie geheven op activiteiten en verkopen van goederen die via de gemeentelijke scholen verlopen. Meer bepaald zal een retributie geheven worden op:
Voor deelname aan de activiteiten of afname van de goederen en diensten worden diverse retributies gevraagd, afhankelijk van het soort activiteit, het geleverde goed en dienst en de school. De bepaling van de tarieven van de onderscheiden retributies en de wijze van inning worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en schepenen, rekening houdende met de bepalingen rond de maximumfactuur in het basisonderwijs.
De retributie is vereist van alle deelnemers aan een activiteit, met uitzondering van de organisatoren, en van de afnemers van een geleverd goed of dienst.
Bij niet-betaling kan het college de dienst waarvoor de retributie werd geheven opschorten.
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. Bij toepassing van artikel 330 van voornoemd decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.