Gelet op het verslag van de vorige vergadering.
Goedkeuring wordt verleend aan bovengenoemd verslag.
Voor de digitale zitting van de gemeente- en OCMW-raad wordt een uitnodiging verstuurd voor een vergadering via Microsoft Teams aan de voorzitter, de raadsleden, de algemeen directeur en de financieel directeur.
De zitting zal via livestream te volgen zijn.
Decreet lokaal bestuur.
Ministerieel besluit d.d. 1 november 2020 houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken.
Sinds 13 maart 2020 is er een federale fase afgekondigd in het kader van de COVID-19 crisis.
De verspreiding van het COVID-19 virus moet zoveel mogelijk worden tegen gegaan.
De federale regering heeft op 30 oktober 2020 beslist om in een verstrengde lockdown te gaan.
De Vlaamse Vereniging voor Steden en Gemeenten (VVSG) en het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) hebben een kader voor vergaderingen van bestuursorganen van lokale besturen opgesteld. Hierin wordt gemeld dat de lokale besturen autonoom kunnen beslissen over de wijze van vergaderen. Het Agentschap Binnenlands Bestuur geeft in deze fase van de pandemie de voorkeur aan digitaal vergaderen.
De gemeenteraad en OCMW-raad van 26 oktober 2020 gaan digitaal door. De zittingen zijn via livestream te volgen.
De gemeenteraad bekrachtigt het besluit van de burgemeester d.d. 5 november 2020.
Dit bericht zal op gepaste wijze bekend gemaakt worden.
Plaatsvervangend afgevaardigde algemene vergadering Pidpa:
Gaat bij geheime stemming over tot de aanduiding van een plaatsvervangend afgevaardigde in de algemene vergadering van Pidpa.
27 raadsleden nemen deel aan de stemming.
Elk raadslid verkrijgt één stembriefje.
Vervolgens worden de stembriefjes ingezameld.
27 stembriefjes worden ingezameld.
De voorzitter en de algemeen directeur vormen het bureau van de stemopneming;
Er wordt voorlezing gegeven van elk stembriefje.
| Afgevaardigde | Aantal stemmen |
| Jan Cools | 27 |
Jan Cools behaalt aldus de volstrekte meerderheid van de stemmen.
Gelet op de uitslag van de stemming.
Decreet lokaal bestuur.
Statuten Pidpa.
De gemeenteraad heeft in zitting van 29 april 2019 de plaatsvervangende afgevaardigde van de gemeente aangeduid voor de algemene vergadering van Pidpa.
De heer Leo Geysen werd hiertoe aangeduid.
De gemeenteraad heeft in zitting van 28 september 2020 kennis genomen van het ontslag van de heer Leo Geysen als gemeenteraadslid. Hij dient aldus ook vervangen te worden in de voornoemde algemene vergadering.
Volgende persoon is aangeduid ter vervanging van Leo Geysen als plaatsvervangend afgevaardigde van de gemeente in de algemene vergadering van Pidpa: Jan Cools, Bredabaan 510, 2990 Wuustwezel.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit.
Gaat bij geheime stemming over tot de aanduiding van een lid van de politieraad.
27 raadsleden nemen deel aan de stemming.
Elk raadslid verkrijgt één stembriefje.
Vervolgens worden de stembriefjes ingezameld.
27 stembriefjes worden ingezameld.
De voorzitter en de algemeen directeur vormen het bureau van de stemopneming;
Er wordt voorlezing gegeven van elk stembriefje.
| Afgevaardigde | Aantal stemmen |
| Thijs Ruts | 27 |
Thijs Ruts behaalt aldus de volstrekte meerderheid van de stemmen.
Gelet op de uitslag van de stemming.
Decreet lokaal bestuur.
Nieuwe gemeentewet.
Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
Koninklijk besluit van 20 december 2000 betreffende de verkiezing in elke gemeenteraad van de leden van de politieraad.
Ministeriële omzendbrief van 12 november 2018 betreffende de verkiezing en de installatie van de politieraadsleden van een meergemeentezone.
De gemeenteraad heeft in zitting van 8 januari 2019 de leden van de politieraad van de meergemeentezone Grens aangeduid. Bij besluit van de bestendige deputatie van 31 januari 2019 wordt gemeld dat deze verkiezingen geldig zijn verklaard. De heer Leo Geysen werd aangeduid als lid van de politieraad.
De gemeenteraad heeft in zitting van 28 september 2020 kennis genomen van het ontslag van de heer Leo Geysen als gemeenteraadslid. Hij dient aldus ook vervangen te worden in de politieraad. Voor de heer Leo Geysen werd geen opvolger aangeduid.
Er werd door de partij CD&V op 3 november 2020 een nieuwe voordrachtakte ingediend. Hieruit blijkt dat de heer Thijs Ruts wordt voorgedragen als kandidaat-lid voor de politieraad en mevrouw Els Van Hasselt als kandidaat-opvolger.
De voornoemde kandidaat voldoet aan de wettelijke vereisten tot verkiesbaarheid en bevindt zich niet in één van de gevallen van onverenigbaarheden of uitsluiting door de wet voorzien.
Volgende persoon is aangeduid ter vervanging van Leo Geysen als lid van de politieraad: Thijs Ruts, Akkerstraat 71, 2990 Wuustwezel.
Akte te nemen van het feit dat Thijs Ruts zich niet bevindt in één van de gevallen van onverenigbaarheid.
Afschrift van dit besluit voor verder gevolg over te maken aan de politiezone Grens en de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen.
Door goedkeuring te verlenen aan deze overeenkomst blijft het lokaal ter beschikking van een Gooreindse vereniging. De voorgestelde overeenkomst is vergelijkbaar met de opstalrechtovereenkomsten welke met andere verenigingen werden afgesloten.
Decreet Lokaal Bestuur.
Wet van 10 januari 1824 en 14 april 1955 op het erfpachtrecht.
Op 11 juni 1992 werd een opstalrechtovereenkomst afgesloten tussen de gemeente Wuustwezel en Duivenbond Verbroedering Gooreind waarbij door de gemeente Wuustwezel een perceel grond gelegen te Wuustwezel, Eikendreef, thans ten kadaster gekend onder 2° afdeling sectie H nr.7 A 6l, met een grootte van 118 m² voor een periode van 30 jaar in opstal werd gegeven aan Duivenbond Verbroedering Gooreind.
Met hun schrijven van 20 november 2020 meldt Duivenbond Verbroedering Gooreind dat ze met ingang van 1 januari 2021 hun werking stoppen: een aantal leden zijn gestorven of niet meer actief of zien het niet meer zitten om de werking van de Duivenbond in dit lokaal draaiende te houden.
Door Duivenbond wordt voorgesteld de lopende opstalrechtovereenkomst te stoppen en dat er een nieuwe opstalrechtovereenkomst zou afgesloten worden met biljartclub BC De Fetsers van Gooreind.
Goedkeuring wordt verleend aan het schrijven d.d. 20 november 2020 van de feitelijke vereniging Duivenbond Verbroedering Gooreind om de lopende overeenkomst van 11 juni 1992 inzake de opstal voor een perceel grond gelegen aan de Eikendreef ZN, ten kadaster gekend onder 2° afdeling sectie H nr. 7A6 stop te zetten met ingang van 1 januari 2021.
Goedkeuring wordt verleend aan de hierbijgevoegde overeenkomst af te sluiten met de feitelijke vereniging BC De Fetsers p/a Boudewijn Vermeiren, Bredabaan 175, 2990 Wuustwezel inzake de opstal voor een perceel grond gelegen aan de Eikendreef ZN, ten kadaster gekend onder 2° afdeling sectie H nr. 7A6.
Deze overeenkomst heeft een duurtijd van 30 jaar te rekenen vanaf 1 januari 2021; er is een jaarlijkse vergoeding verschuldigd van 25 euro
De voorzitter en de algemeen directeur worden gemachtigd om in naam van de gemeente Wuustwezel de voornoemde overeenkomst te ondertekenen.
Het college van burgemeester en schepenen wordt met de uitvoering van onderhavige overeenkomst gelast.
Gezien het gaat om een perceeltje grond met een beperkte oppervlakte, zonder openbaar nut en reeds is ingelijfd bij de tuin van Gasthuisstraat 30, lijkt het opportuun om dit perceeltje grond ineens mee te verkopen aan de nieuwe eigenaar van het pand aan de Gasthuisstraat 30.
Decreet lokaal bestuur.
Naast de Gasthuisstraat 30 bevindt zich nog een repel grond welke eigendom is van de gemeente Wuustwezel, het perceel is kadastraal gezien gelegen op de grens tussen wijk G nr. 460/x24/P000 en nummer 459/F8/P000 met een oppervlakte van 66,21 m². Het betreft de bedding van een oude waterloop welke niet meer is ingetekend in de atlas van de waterlopen en ook geen openbaar nut meer heeft. De eigenaars van Gasthuisstraat 30 hebben deze bedding in het verleden al mee in gebruik genomen, zij het dus ten onrechte.
Thans wordt het perceel van Gasthuisstraat 30 verkocht zodat het opportuun lijkt om eveneens deze repel gemeentelijke grond mee te verkopen.
Uit het schattingsverslag d.d. 12 mei 2020 van Landmeetbureau Neefs & Roos, Kerkblokstraat 11, 2990 Wuustwezel blijkt dat de waarde van deze grond wordt bepaald op 4.500 euro.
Er is een akkoord bereikt met de toekomstige eigenaar van deze grond en ondertussen werd een akte van overdracht van onroerend goed opgesteld door het notariaat Erik Van Tricht/Katherine De Wispelaere uit Merksem en het notariaat Vermander & Dewitte uit Wuustwezel.
Goedkeuring wordt verleend aan de hierbijgevoegde akte van overdracht van onroerend goed, zoals opgesteld door het notariaat Erik Van Tricht/Katherine De Wispelaere uit Merksem en het notariaat Vermander & Dewitte uit Wuustwezel, m.b.t. een repel grond gelegen naast het pand van Gasthuisstraat 30 en kadastraal gezien gelegen op de grens tussen wijk G nr. 460/X24/P000 en nr. 459/H8/P000 met een oppervlakte van 66,21 m², aan de prijs van 4.500 euro.
Dhr. D. Wouters, voorzitter van de gemeenteraad, en Dhr. L. Loos, algemeen directeur, worden gemachtigd om deze akte te ondertekenen.
Dit besluit van de toezichthoudende overheid dient ter kennis worden gegeven aan de gemeenteraad.
Decreet lokaal bestuur, artikel 332, §1, 3de lid.
Op de gemeenteraad van 25 mei 2020 werd de jaarrekening 2019 van de gemeente vastgesteld.
De gouverneur heeft de jaarrekening 2019 van het OCMW goedgekeurd op 28 oktober 2020.
De gemeenteraad neemt kennis van het besluit van de gouverneur d.d. 28 oktober 2020 om de jaarrekening 2019 van de gemeente goed te keuren.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025, voor het gedeelte dat betrekking heeft op het gemeentebestuur, wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad. Deze zijn opgesteld volgens de richtlijnen van de beheers- en beleidscyclus, zoals bepaald in het decreet lokaal bestuur. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van alle verplichte schema’s, zoals bepaald door de Vlaamse Regering.
De kredieten van 2021 moeten ook nog vastgesteld worden door de gemeenteraad waardoor deze uitvoerbaar worden.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3 van 18 september 2020 over de aanpassing meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Het meerjarenplan 2020-2025 werd goedgekeurd op de gemeenteraad van 2 december 2019.
De aanpassing van meerjarenplan 2020-2025 nr. 1 dienstjaar 2020 werd goedgekeurd op de gemeenteraad van 29 juni 2020.
De aanpassing van meerjarenplan 2020-2025 nr. 2 dienstjaar 2020 werd goedgekeurd op de gemeenteraad van 31 augustus 2020.
Alle verplichte informatie zit in de voorgelegde aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 vervat en wordt dus meteen goedgekeurd bij goedkeuring van dit besluit.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds besproken door het college van burgemeester en schepenen.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds besproken door het managementteam op 12 november 2020.
Goedkeuring wordt verleend aan de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 en worden de kredieten van dienstjaar 2021 vastgesteld waardoor deze uitvoerbaar worden, voor het gedeelte dat betrekking heeft op het gemeentebestuur.
Het budgettair resultaat voor het lokaal bestuur in de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 is:
| Budgettair resultaat | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
| 4.479.097
| 1.089.243
| 29.326
| 339.185
| 431.554
| 157.277
|
De autofinancieringsmarge voor het lokaal bestuur in de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 is:
| Autofinancieringsmarge | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
| 1.514.587
| 315.119
| 1.168.073
|
1.286.623 |
1.080.239 | 1.317.647
|
De aanpassing nr. 3 van het meerjarenplan 2020-2025 wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad en raad van maatschappelijk welzijn zodat dit nu in zijn geheel kan goedgekeurd worden. Deze zijn opgesteld volgens de richtlijnen van de beheers- en beleidscyclus, zoals bepaald in het decreet lokaal bestuur. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van alle verplichte schema’s, zoals bepaald door de Vlaamse Regering.
De kredieten van 2021 van het OCMW-bestuur moeten ook nog vastgesteld worden door de gemeenteraad waardoor deze uitvoerbaar worden. Bijgevolg zijn alle kredieten voor dienstjaar 2021 voor heel het lokaal bestuur goedgekeurd en uitvoerbaar.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3 van 18 september 2020 over de aanpassing meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Het meerjarenplan 2020-2025 werd goedgekeurd op de gemeenteraad en raad van maatschappelijk welzijn van 2 december 2019.
De aanpassing van meerjarenplan 2020-2025 nr. 1 dienstjaar 2020 werd goedgekeurd op de gemeenteraad en raad van maatschappelijk welzijn van 29 juni 2020.
De aanpassing van meerjarenplan 2020-2025 nr. 2 dienstjaar 2020 werd goedgekeurd op de gemeenteraad en raad van maatschappelijk welzijn van 25 augustus 2020.
Alle verplichte informatie zit in de voorgelegde aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 vervat en wordt dus meteen goedgekeurd bij goedkeuring van dit besluit.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds besproken door het college van burgemeester en schepenen.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds besproken door het managementteam op 12 november 2020.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds goedgekeurd door de gemeenteraad voor het gedeelte van het gemeentebestuur op 7 december 2020.
Deze aanpassing meerjarenplan werd reeds goedgekeurd door de raad van maatschappelijk welzijn voor het gedeelte van het OCMW-bestuur op 7 december 2020.
Goedkeuring wordt verleend aan de beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 december 2020 tot goedkeuring van de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nummer 3 dienstjaar 2020 voor het gedeelte dat betrekking heeft op het OCMW-bestuur.
Goedkeuring wordt verleend aan de gehele aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 en worden de kredieten van dienstjaar 2021 vastgesteld waardoor deze uitvoerbaar worden, na goedkeuring door de gemeenteraad en de raad van maatschappelijk welzijn voor hun respectievelijke del.
Het budgettair resultaat voor het lokaal bestuur in de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 is:
| Budgettair resultaat | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
| 4.479.097
| 1.089.243
| 29.326
| 339.185
| 431.554
| 157.277
|
De autofinancieringsmarge voor het lokaal bestuur in de aanpassing meerjarenplan 2020-2025 nr. 3 dj. 2020 is:
| Autofinancieringsmarge | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
| 1.514.587
| 315.119
| 1.168.073
|
1.286.623 |
1.080.239 | 1.317.647
|
De Plus-fractie wil dat in 2021 een burgerbegroting wordt opgestart.
Dit is een uitbreiding en het logische vervolg van het online participatieplatform "Wuustwezel Wenst".
Inwoners van Wuustwezel moeten op strategisch niveau kunnen meedenken over de begroting. De inwoners uit Wuustwezel moeten samen, en bij consensus, bepalen welke thema's voor hen belangrijk zijn.
De dynamiek van elke wijk in Wuustwezel is verschillend, waardoor er hier ook verschillende noden zijn.
Burgers doen niet enkel een aanbeveling aan het bestuur over welke thema's zij belangrijk vinden. Zij moeten ook volledig autonoom kunnen beslissen over de besteding van het budget.
De CD&V-fractie is hier geen voorstander van om reden dat er reeds voldoende inspraak is via Wuustwezel-Wenst en het aan het gemeentebestuur toekomt om deze te beheren; daarenboven wil men niet dat er budgetten zouden beheerd worden door een beperkt aantal mensen welke niet namens hun wijk zouden spreken.
Decreet lokaal bestuur.
Een burgerbegroting is een proces van democratische besluitvorming en een vorm van directe democratie waarbij de burgers zelf beslissen hoe een gemeentelijk of overheidsbudget, dan wel een deel ervan, wordt besteed.
Tijdens het opstellen van een burgerbegroting worden allerhande voorstellen van projecten voor publieke uitgaven besproken en de prioriteiten vastgelegd.
Sinds 2014 bestaat er in het District Antwerpen een burgerbegroting. Sinds 2017 bestaat er in Gent een burgerbegroting. Sinds 2019 is er in Kalmthout een burgerbudget.
In juni 2019 werd het online participatieplatform "Wuustwezel Wenst" opgericht.
De Gemeenteraad besluit, met 9 stemmen voor (Koen Van Putte, Amber Vermeiren, Ben Gagelmans, Jos van Hasselt, Marc Vanden Branden, Petra Laccroix, Carrera Neefs, Bruno Fiesack en Helga Hoeymans), 16 stemmen tegen (Dieter Wouters, Mai Van Thillo, May Aernouts, Sus Vissers, Kris Van Looveren, Rit Luyckx, Katrin Kempenaers, Pieter Cools, Lynn Vermeiren, Els Van Hasselt, Ilke Pompen, Roger Aernouts, Thijs Ruts, Glenn Verelst, Jan Van Looveren en Jan Cools) en 2 stemmen onthouding (Jasmijn Meirsman en Wim Vorsselmans).
De gemeenteraad verleent geen goedkeuring aan de oprichting van een burgerbegroting in 2021.
De recyclageparken worden door IGEAN intergemeentelijk geëxploiteerd. Het recyclagepark van onze gemeente maakt deel uit van regio noord. De inwoners van een gemeente kunnen dus niet enkel terecht op het recyclagepark van hun gemeente, maar eveneens op het recyclagepark van een andere gemeente die deel uitmaakt van dezelfde regio. Dit intergemeentelijk gebruik van de recyclageparken is alleen maar mogelijk als er gewerkt wordt met uniforme retributies.
Ook bedrijven en zelfstandigen hebben toegang tot het recyclagepark. De retributies die aan de bedrijven en zelfstandigen worden gevraagd moeten marktconform en dus kostendekkend zijn.
KMO’s en zelfstandige ondernemers krijgen een factuur voor de afvalstoffen die ze tegen betaling op het recyclagepark hebben achtergelaten.
Op het recyclagepark wordt diftar met weging toegepast, waarbij de betalende fracties worden gewogen en onmiddellijk afgerekend volgens het aangeleverde gewicht. Een goede verhouding tussen de retributies voor de verschillende fracties, gratis of betalend, is noodzakelijk om een correcte sortering te stimuleren. Dankzij de invoering van diftar werd een sterke reductie van de hoeveelheden ongesorteerd afval (grofvuil en gemengd bouw- en sloopafval) bekomen.
Diftar met weging is eerlijk voor de burger en geeft op een correcte wijze uitvoering aan het principe “de vervuiler betaalt”.
De retributies voor de betalende afvalfracties werden bij de invoering van diftar gebaseerd op de reële kostprijs. De retributies zijn echter steeds ongewijzigd gebleven sinds de invoering van diftar, en lichtjes bijgestuurd in 2019.
Omwille van gewijzigde contracten, indexaanpassingen, de mobiliteitsproblematiek, enz. zijn de kosten voor de ophaling en verwerking de afgelopen jaren sterk gestegen, en niet alle tarieven zijn nog in overeenstemming met de reële kostprijs.
IGEAN heeft daarom voorgesteld om de retributies aan te passen, zonder afbreuk te doen aan het evenwicht en de correcte verhouding tussen de verschillende tarieven. Een jaarlijkse aanpassing van de retributies, rekening houdend met een aantal objectieve parameters, moet er bovendien voor zorgen dat de tarieven marktconform zijn en blijven.
De bestaande vrijstelling blijft behouden.
Om de intergemeentelijke werking te garanderen en om afvaltoerisme te vermijden is het noodzakelijk dat alle gemeenten van de regio noord eenzelfde retributiesysteem toepassen.
De inzameling van asbesthoudend afval via de recyclageparken gebeurt conform de bepalingen van de Omzendbrief LNE/2008/2, die adviseert dat bij de inzameling van asbesthoudend afval stofvorming maximaal dient vermeden te worden. Een nieuwe geactualiseerde Omzendbrief, die in voorbereiding is, voorziet dat asbesthoudend materiaal door bezoekers alleen nog verpakt zal mogen aangeleverd worden op het recyclagepark.
De raad van bestuur van IGEAN heeft op 9 september2020 beslist dat het asbesthoudend afval per 1 januari 2021 alleen verpakt mag worden aangeleverd in verpakkingen die via het recyclagepark worden verdeeld
Afhankelijk van de grootte en de hoeveelheid van het asbestmateriaal zullen er 2 soorten verpakkingen aangeboden worden:
Om te vermijden dat er onterecht en voor andere doeleinden folies worden afgehaald, besliste de raad van bestuur van IGEAN om een uniforme retributie per verpakking te vragen. De retributie vermijdt misbruiken maar blijft laag genoeg om op het recyclagepark het nodige materiaal aan te kopen. De retributie dekt louter de kosten voor aankoop van de verpakkingen.
Decreet lokaal bestuur.
Omzendbrief Vlaamse regering KA/ABB 2019/2.
Uitvoeringsplan huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval 2016-2022 stelt het beleid in Vlaanderen vast rond de selectieve inzameling en verwerking van huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval, en dus ook voor de werking en exploitatie van een recyclagepark.
Materialendecreet.
Vlaams Reglement voor het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen, VLAREMA.
Omzendbrief LNE/2008/2 over de inzameling van asbesthoudend afval via de recyclageparken.
De gemeenteraad heeft in zitting van 29 juni 2009 aan IGEAN beheersoverdracht gedaan voor de exploitatie van het recyclagepark en het invoeren van diftar met weging.
De gemeenteraad heeft in zitting van 2 december 2019 de retributie op het gebruik van het recyclagepark goedgekeurd.
Met ingang van 1 januari 2021 en voor een termijn eindigend op 31 december 2025 legt de gemeenteraad volgende retributies vast voor de aanvoer van volgende afvalstoffen op het recyclagepark:
§1. Het bedrag van de retributie dat is verschuldigd door eenieder (behalve bedrijven en zelfstandigen) die gebruik maakt van het recyclagepark voor de aanvoer van de in artikel 1 genoemde afvalstoffen, wordt als volgt vastgesteld:
| 1. Grof vuil | 0,25 euro/kg |
| 2. Gemengd bouw- en sloopafval | 0,25 euro/kg |
| 3. Asbesthoudend afval (cementgebonden) | 0,25 euro/kg |
| 4. Grond | 0,04 euro/kg |
| 5. Kalkplaten en cellenbeton | 0,04 euro/kg |
| 6. Vlak glas | 0,04 euro/kg |
| 7. Zuiver steenpuin | 0,04 euro/kg |
| 8. Houtafval | 0,04 euro/kg |
| 9. Groenafval | 0,04 euro/kg |
| 10. Verpakking asbesthoudend materiaal | 1,00 euro/verpakking |
§2. Elk gezin of tweede verblijf krijgt jaarlijks volgende vrijstellingen:
Vrijstellingen kunnen niet opgebouwd worden. Op het einde van het jaar vervalt de resterende vrijstelling. Ze kan dus niet overgedragen worden naar een volgend jaar. Een gezin bestaat uit alle personen die in het bevolkingsregister aan elkaar gekoppeld zijn via het ‘gezinshoofd’.
Als tweede verblijf wordt beschouwd elke woongelegenheid waarvan degene die er kan verblijven, voor deze woongelegenheid niet ingeschreven is in de bevolkingsregisters, ongeacht het feit of het gaat om landhuizen, bungalows, appartementen, grote of kleine weekendhuizen of buitengoederen, optrekjes, chalets en alle andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van de met chalets gelijkgestelde caravans.
§1. Het bedrag van de retributie voor bedrijven en zelfstandigen wordt als volgt vastgesteld:
| 1. Grof vuil | 0,25 euro/kg |
| 2. Gemengd bouw- en sloopafval | 0,25 euro/kg |
| 3. Asbesthoudend afval (cementgebonden) | 0,25 euro/kg |
| 4. Grond | 0,08 euro/kg |
| 5. Kalkplaten en cellenbeton | 0,08 euro/kg |
| 6. Vlak glas | 0,08 euro/kg |
| 7. Zuiver steenpuin | 0,08 euro/kg |
| 8. Houtafval | 0,08 euro/kg |
| 9. Groenafval | 0,08 euro/kg |
| 10. Verpakking asbesthoudend materiaal | 1,00 euro/zak |
| 11. Piepschuim | 5,00 euro/zak |
| 12. Zuivere plastic folie | 4,00 euro/zak |
| 13. Landbouwfolie | 0,08 euro/kg |
| 14. Medisch afval | 30,00 euro/vat van 60 l - 20,00 euro/vat van 30 l |
§2. Bedrijven en zelfstandigen krijgen geen vrijstellingen.
§3. Er wordt maximaal 1.000 kg per dag per bedrijf en zelfstandige aanvaard. De afvalstoffen moeten gesorteerd naar het recyclagepark gebracht worden. Alleen vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen worden aanvaard. Vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen zijn afvalstoffen die ontstaan zijn ten gevolge van activiteiten die van dezelfde aard zijn als van deze van de normale werking van een particuliere huishouding, en die omwille van de aard, de samenstelling en de hoeveelheid vergelijkbaar zijn met huishoudelijke afvalstoffen.
Om ervoor te zorgen dat de retributies marktconform zijn zullen de retributies jaarlijkse aangepast worden, rekening houdend met de recyclageparkindex.
Om de totale recyclageparkindex (RI) samen te stellen worden de verschillende kostensoortindexen gewogen volgens het aandeel van de kostensoort (O,E en P) in de totale betrokken kosten (K) in jaar x.
Dit geeft volgende formule:
RI(x+1)=(Iox*Ox/Kx) + (Iex*Ex/Kx) + (Ipx*Px/Kx)
RI wordt naar boven afgerond op vier decimalen.
De drie kostensoorten volgen elk een eigen index:
1. Ophaalkosten
Iox = kost per opgehaalde ton jaar x / kost per opgehaalde ton jaar x-1
2. Exploitatiekosten
Iex= afgevlakte gezondheidsindex december jaar x / afgevlakte gezondheidsindex december jaar x-1
3. Personeelskosten
Personeelskosten stijgen telkens de spilindex overschreden wordt
Ipx = gemiddelde overschreden spilindex jaar x / gemiddelde overschreden spilindex jaar x-1
De index RI(x+1) zal telkens toegepast worden vanaf 1 juli in jaar x+1, en dit voor de eerste maal vanaf 1 juli 2021.
De aangepaste retributies, na toepassing van de index RI(x+1), zullen worden afgerond op 3 decimalen. Indien het 4de decimaal 5 of hoger is, gebeurt er een afronding naar boven, indien 4 of lager is er een afronding naar beneden. De totale retributie zal bij elke afrekening worden afgerond op 2 decimalen.
Voorafgaand aan de toepassing zal het resultaat van de index RI(x+1) telkens ter goedkeuring worden voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen van alle gemeenten van regio noord, uiterlijk op 15 mei. Indien een college niet akkoord is om de index RI(x+1) toe te passen dienen zij dit uiterlijk te laten weten aan IGEAN op 15 juni.
§1. De gemeentelijke diensten en de diensten van andere lokale openbare instellingen (zoals het OCMW, de politie, de brandweer, de gemeentelijke IVA’s en EVA’s) gevestigd op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel worden vrijgesteld van de retributie. Ook de palliatieve instelling Coda en het Revalidatiecentrum der Noorderkempen genieten van deze vrijstelling.
§2. Erkende verenigingen die handelen in het algemeen en gemeentelijk belang waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel en die een lokaal in eigendom of in beheer bezitten kunnen tevens vrijgesteld worden van de retributie. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt gemotiveerd over deze vrijstelling.
De betaling gebeurt ter plaatse aan de betaalterminal met betaalkaarten. Bedrijven en zelfstandigen krijgen regelmatig een factuur voor de retributies die ze in de voorafgaande periode betaald hebben.
Bij ontstentenis van betaling kan de toegang tot het recyclagepark geweigerd worden.
Bij gebrek aan betaling in der minne zal de retributie burgerrechtelijk ingevorderd worden.
§1. De toegelaten gebruikers die niet beschikken over een elektronische identiteitskaart dienen zich te registreren op het recyclagepark en verwerven maximaal twee toegangskaarten per gezin om het recyclagepark te betreden. Voor elke toegangskaart wordt een retributie gevraagd van 5 euro met uitzondering van een defect van de toegangskaart dat niet te wijten is aan het verlies of misbruik door de gebruiker op voorwaarde dat de defecte kaart overhandigd wordt aan het recyclagepark.
§2. De gemeentelijke diensten en de diensten van andere lokale openbare instellingen (zoals het OCMW, de politie, de brandweer, de gemeentelijke IVA’s en EVA’s) gevestigd op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel worden vrijgesteld van de retributie voor de toegangskaart.
§3. Erkende verenigingen die handelen in het algemeen en gemeentelijk belang waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel en die een lokaal in eigendom of in beheer bezitten verwerven eveneens één toegangskaart per vereniging conform de bepalingen van paragraaf 1 van dit artikel. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt gemotiveerd over de toekenning op basis van bovenstaande criteria.
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. Bij toepassing van artikel 330 van voornoemd decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.
Een afschrift van het reglement wordt overgemaakt aan IGEAN milieu & veiligheid die instaat voor de verdere uitvoering hiervan gelet op de beheersoverdracht voor de exploitatie van het recyclagepark aan IGEAN milieu & veiligheid.
Dit reglement vervangt alle voorgaanden ten deze.
De inwoners van de gemeente Wuustwezel genieten van een huis-aan-huisinzameling van afval of kunnen gebruik maken van het recyclagepark.
Er wordt toch nog gesluikstort op ons grondgebied, al dan niet door inwoners van Wuustwezel.
Er worden inspanningen gedaan, door de technische dienst en de politiediensten, om de identiteit van de clandestiene afvalstorter te achterhalen. Dit vergt extra inspanningen.
Het sluikstort heeft een negatieve impact op het leefmilieu.
Er wordt een minimumtarief bepaald van 150 EUR, wat de minimumkostprijs is voor het uitrukken van onze technische diensten om sluikstort op te ruimen. Voorts is de hoogte van deze belasting afhankelijk van het aantal uren en hoeveelheid sluikstort dat opgeruimd moet worden.
De financiële toestand van de gemeente vergt de invoering van belastingen.
Decreet lokaal bestuur.
Omzendbrief Vlaamse regering KA/ABB 2019/2.
De bespreking op de MiNa-raad van 30 oktober 2019.
De gemeenteraad heeft in zitting van 2 december 2019 goedkeuring verleend aan de belasting op het ophalen van sluikstorten.
De toezichthoudende overheid heeft gemeld dat dit reglement louter kostendekkend mag zijn aangezien er andere manier zijn om sluikstorters te beboeten. Vandaar dat we het minimumtarief van 275 euro verlaagd wordt naar 150 euro, wat de minimumkostprijs is voor het uitrukken van onze technische diensten om sluikstort op te ruimen.
Vanaf heden en voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt een belasting geheven voor het ophalen van sluikstorten. Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen ten deze.
De belasting bedraagt:
a) 3,00 euro per km transport;
b) 40,00 euro per uur personeels- en administratiewerken;
c) 65,00 euro per uur voor gebruik van een vrachtwagen;
d) 65,00 euro per uur voor gebruik van de kraanuitrusting.
De bedragen worden gecumuleerd.
Alleszins zal de belasting minimum 150,00 euro per geval in zijn globaliteit bedragen.
De belasting zal jaarlijks geïndexeerd worden. Deze indexering gebeurt via de gezondheidsindex van de maand november voorafgaand aan het nieuwe jaar. Als basis van de bovenstaande tarieven wordt de gezondheidsindex van november 2019 gebruikt.
De belasting is verschuldigd door diegenen die verantwoordelijk is voor de sluikstorting. De belasting wordt contant geïnd tegen afgifte van een betalingsbewijs. Bij gebreke aan contante inning wordt de belasting ingekohierd.
Het belastingreglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. Bij toepassing van artikel 330 van voornoemd decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.
Momenteel is er opnieuw een gedwongen sluiting vanaf 19 oktober 2020 te wijten aan de Covid 19-pandemie, bepaald door de hogere overheid. Daarnaast is het niet altijd evident om aan de richtlijnen qua afstand en veiligheid n.a.v. de Covid 19-pandemie te kunnen voldoen en bijgevolg de cafetaria te kunnen openen. Door de Covid19-pandemie moeten horecazaken, waaronder dus ook de cafetaria's aan de gemeentelijke sporthallen, verplicht voldoen aan verschillende richtlijnen qua afstand en veiligheid van de hogere overheid.
Wanneer de concessionaris niet kan openen door de geldende maatregelen komen er ook geen inkomsten binnen via het uitbaten van de cafetaria en is het gemeentebestuur bereid een vrijstelling van de concessievergoeding toe te kennen zolang de concessionaris niet aan de richtlijnen kan voldoen en de cafetaria niet voor publiek kan openen.
Aangezien het momenteel onduidelijk is wanneer de richtlijnen versoepeld zullen worden en de cafetaria terug open kan gaan, wordt voorgesteld het bepalen van de periode van vrijstelling van de concessievergoeding te delegeren aan het college van burgemeester en schepenen.
Decreet Lokaal bestuur.
Op de gemeenteraad van 29 juni 2020 werd de concessieovereenkomst tussen gemeentebestuur Wuustwezel en Zaalsporten Wuustwezel vzw voor de uitbating van de cafetaria aan de sporthal van Wuustwezel goedgekeurd.
Op de gemeenteraad van 25 mei 2020 werd al de princiepsbeslissing over de gemeentelijke maatregelen in het kader van de coronacrisis, met o.m. vrijstelling van de concessievergoeding tijdens de sluiting, goedgekeurd.
Op de gemeenteraad van 29 juni 2020 werd reeds een vrijstelling van de concessievergoeding voor ca. 3 maanden goedgekeurd.
Opnieuw is er ondertussen een gedwongen sluiting vanaf 19 oktober 2020, bepaald door de hogere overheid. Daarnaast is het niet altijd evident om aan de richtlijnen qua afstand en veiligheid n.a.v. de Covid 19-pandemie te kunnen voldoen en bijgevolg de cafetaria te kunnen openen.
De gemeenteraad verleent een vrijstelling van de concessievergoeding voor de uitbating van de cafetaria aan sporthal Wuustwezel aan Zaalsporten Wuustwezel vzw voor de periode dat zij de cafetaria niet kunnen openen door de geldende richtlijnen ter bestrijding van de Covid 19-pandemie.
De gemeenteraad delegeert het bepalen van de periode van de vrijstelling van de concessievergoeding aan het college van burgemeester en schepenen wegens de onduidelijkheid omtrent de evolutie inzake de richtlijnen ter bestrijding van de Covid 19-pandemie.
Op de gemeenteraad van 14 november 2016 werd de concessieovereenkomst tussen gemeentebestuur Wuustwezel en bvba De Kuyper voor de uitbating van de cafetaria aan de sporthal van Gooreind goedgekeurd.
Op de gemeenteraad van 25 mei 2020 werd al de princiepsbeslissing over de gemeentelijke maatregelen in het kader van de coronacrisis, met o.m. vrijstelling van de concessievergoeding tijdens de sluiting, goedgekeurd.
Op de gemeenteraad van 29 juni 2020 werd reeds een vrijstelling van de concessievergoeding voor ca. 3 maanden goedgekeurd.
Opnieuw is er ondertussen een gedwongen sluiting vanaf 19 oktober 2020, bepaald door de hogere overheid. Daarnaast is het niet altijd evident om aan de richtlijnen qua afstand en veiligheid n.a.v. de Covid 19-pandemie te kunnen voldoen en bijgevolg de cafetaria te kunnen openen.
Momenteel is er opnieuw een gedwongen sluiting vanaf 19 oktober 2020 te wijten aan de Covid 19-pandemie, bepaald door de hogere overheid. Daarnaast is het niet altijd evident om aan de richtlijnen qua afstand en veiligheid n.a.v. de Covid 19-pandemie te kunnen voldoen en bijgevolg de cafetaria te kunnen openen. Door de Covid19-pandemie moeten horecazaken, waaronder dus ook de cafetaria's aan de gemeentelijke sporthallen, verplicht voldoen aan verschillende richtlijnen qua afstand en veiligheid van de hogere overheid.
Wanneer de concessionaris niet kan openen door de geldende maatregelen komen er ook geen inkomsten binnen via het uitbaten van de cafetaria en is het gemeentebestuur bereid een vrijstelling van de concessievergoeding toe te kennen zolang de concessionaris niet aan de richtlijnen kan voldoen en de cafetaria niet voor publiek kan openen.
Aangezien het momenteel onduidelijk is wanneer de richtlijnen versoepeld zullen worden en de cafetaria terug open kan gaan, wordt voorgesteld het bepalen van de periode van vrijstelling van de concessievergoeding te delegeren aan het college van burgemeester en schepenen.
Decreet Lokaal bestuur.
De gemeenteraad verleent een vrijstelling van de concessievergoeding voor de uitbating van de cafetaria aan sporthal Gooreind aan bvba De Kuyper voor de periode dat zij de cafetaria niet kunnen openen door de geldende richtlijnen ter bestrijding van de Covid 19-pandemie.
De gemeenteraad delegeert het bepalen van de periode van de vrijstelling van de concessievergoeding aan het college van burgemeester en schepenen wegens de onduidelijkheid omtrent de evolutie inzake de richtlijnen ter bestrijding van de Covid 19-pandemie.
Onafhankelijk raadslid Carrera Neefs meldt dat er in tijden van corona in je vrije tijd niet veel anders op zit dan een mooie wandeling te maken. Het valt haar hierbij op dat er in Wuustwezel niet echt veel geveltuinen zijn.
Geveltuinen fleuren straten op waar geen voortuinen zijn. Ze zorgen voor extra groen, voor meer zuurstof in de omgeving en ze vangen fijn stof op. Net als bomen dragen geveltuinen dus bij tot een gezonder leefklimaat. Vogels, bijen en andere nuttige insecten voelen zich thuis in gevelgroen, waardoor de biodiversiteit in de bebouwde omgeving verhoogt. Verder zorgt een groene gevel voor minder opwarming van de woning tijdens een warme periode.
Aangezien we met onze gemeente enorm inzetten op meer groen, kunnen we geveltuinen alleen maar promoten.
Om de mensen extra aan te moedigen, stelt onafhankelijk raadslid Carrera Neefs voor aan de gemeenteraad om te beslissen tot het invoeren van een subsidiereglement voor geveltuinen.
Vele gemeentes waren ons al voor. Onafhankelijke raadslid Carrera Neefs stelt voor om een voorbeeld te nemen aan hen en daarmee vervolgens een voorbeeld te zijn voor andere gemeenten.
Namens de CD&V-partij wordt vernomen dat er een politiereglement inzake geveltuinen bestaat waardoor burgers de kans hebben om een geveltuintje te plaatsen; in de afgelopen 35 jaar werd hiervan 3x gebruikt gemaakt; het loont dus niet de moeite om hiervoor een speciaal reglement op te stellen met bijhorende administratieve taken welke niet lonen.
Decreet lokaal bestuur.
De gemeenteraad verleent geen goedkeuring aan het volgende subsidiereglement voor geveltuinen:
Subsidiereglement geveltuin
Artikel 1. Doelstelling
De gemeente Wuustwezel wil kwaliteitsvol groen in straten zonder voortuinen. Hiervoor stimuleert zij de aanleg van geveltuinen.
Artikel 2. Definities
Geveltuin: een beplant gedeelte van de openbare weg, tegen de perceelgrens (tegen een gevel van een gebouw, een vrijstaande muur, …) inclusief de afboording.
De beheerder: de eigenaar of – op voorwaarde dat de eigenaar of de vereniging van mede-eigenaars schriftelijke akkoord gaat – de gebruiker of de houder van het zakelijk recht, die de geveltuin aangelegd heeft of heeft laten aanleggen.
De weg voor voetgangersverkeer: elk gedeelte van de openbare weg dat hoofdzakelijk gebruikt wordt voor voetgangersverkeer waaronder ook rolstoelgebruikers.
Obstakelvrije loopweg: ruimte waarbinnen de voetganger zich kan voortbewegen zonder dat een vaste hindernis (paal, verkeersbord, parkeerzone, enz.) zijn voortgang belemmert. De afstand van deze loopweg wordt in dit reglement gemeten grenzend aan de rand van de geveltuin en gemeten loodrecht op de perceelgrens.
Plantvak: de onverharde zone in de openbare weg waarin de geveltuin komt.
Artikel 3. Toepassingsgebied
Het reglement is van toepassing op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel.
Artikel 4. Voorwaarden voor de aanleg van een geveltuin
§1. Het is toegelaten een straatgeveltuin aan te leggen op volgende voorwaarden:
§2. De beheerder dient bij de aanleg de nodige voorzichtigheid in acht te nemen. Mogelijke schade aan leidingen en kabels valt ten laste van de beheerder. Bij de minste twijfel over de aanwezigheid van leidingen en kabels dient informatie te worden ingewonnen bij nutsbedrijven. Alle voorzieningen van openbaar nut zoals onder meer straatnaamborden, verlichtingspalen en pictogrammen moeten steeds zichtbaar blijven en bereikbaar zijn.
§3. De geveltuin moet worden afgeboord in een vloeiende lijn met betontegels of grijze betonboordstenen. De uitgebroken betontegels kunnen gebruikt worden als afboording van de geveltuin. De tegels steken minimaal 2 cm en maximaal 10 cm uit boven de trottoirverharding. De breedte van de afboording is inbegrepen in de maximale breedte van 30 cm.
§4. De beheerder moet de geveltuin en de verharding errond zodanig onderhouden dat ze geen hinder of gevaar opleveren voor het verkeer. De planten mogen niet buiten de rand van de geveltuin uitspringen (max. 30 cm tot 3,0 m hoogte en max. 60 cm vanaf 3,0 m hoogte). De bevoegde diensten herstellen eventuele schade aan de openbare weg veroorzaakt door de geveltuin op kosten van de beheerder. De beheerder verbindt er zich toe elke verzakking of andere beschadiging onmiddellijk te melden en zelf voorlopig de nodige veiligheidsmaatregelen te treffen.
§5. Alle dood of levend materiaal in de geveltuin verwerkt, blijft eigendom van de beheerder. De beheerder is burgerrechtelijk verantwoordelijk voor alle ongevallen die voortspruiten uit de aanwezigheid van de geveltuin of het niet naleven van het reglement. De beheerder zal de door de bevoegde dienst opgelegde herstellingswerken of aanpassingswerken, op eerste verzoek, onmiddellijk uitvoeren. De beheerder vrijwaart de gemeente Wuustwezel tegen alle vorderingen die derden tegen haar instellen als gevolg van de aangelegde geveltuin.
§6. De bevoegde dienst of operator op het openbaar domein is gerechtigd de al dan niet tijdelijke verwijdering van materialen en planten te eisen ten behoeve van werkzaamheden. Het gemeentebestuur betaalt hiervoor geen vergoeding aan de beheerder. Het gemeentebestuur kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor gelijk welke verandering of beschadiging veroorzaakt aan de geveltuin. De bevoegde dienst zal het plantvak van de geveltuin herstellen zonder vergoeding aan de beheerder. De beheerder zorgt indien nodig voor nieuwe beplanting.
§7. Wordt de geveltuin helemaal of gedeeltelijk weggebroken dan moet de dienst bevoegd voor privaat gebruik van de openbare weg daarvan op de hoogte gebracht worden. De gemeente Wuustwezel zal de openbare weg in zijn oorspronkelijke toestand herstellen. Hieraan zijn geen kosten verbonden voor de beheerder.
§8. Niet-reglementair aangelegde geveltuinen, worden op kosten van de beheerder uitgebroken of in overeenstemming gebracht met de bestaande reglementering zonder dat de gemeente Wuustwezel tot enige schadevergoeding verplicht kan worden.
§ 9. De gemeente Wuustwezel kan steeds een reglementair aangelegde geveltuin op haar openbaar domein verwijderen en de openbare weg in zijn oorspronkelijke toestand herstellen. De gemeente betaalt hiervoor geen vergoeding aan de beheerder, maar hieraan zijn ook geen kosten verbonden voor de beheerder.
Artikel 5. Subsidiebedrag
Binnen de perken van het voorziene budget verleent de gemeente een subsidie voor de aanleg van een geveltuin. De subsidie wordt vastgesteld op 80% van de gemaakte kosten van de aanleg van een geveltuin met een maximum van €25/beheerder en per woning. Deze subsidie kan slechts eenmaal aangevraagd worden en enkel door particulieren.
Artikel 6. Subsidietoekenning
De subsidie wordt na aanleg van de geveltuin aangevraagd via het daartoe bestemde formulier bij de dienst Milieu of via de gemeentelijke website. De aanvrager vermeldt volgende gegevens: naam en adres, nummer van de toelating voor aanleg van de geveltuin. Daarbij voegt de aanvrager ter controle een kopie of scan van de factu(u)r(en) en een foto van de aangelegde geveltuin. Na deze controle verbindt de gemeente Wuustwezel zich er toe het subsidiebedrag uit te keren.
Artikel 7. Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 01/01/2021
De gemeenteraad heeft in zitting van 24 oktober 2016 goedkeuring verleend aan het GAS-reglement.
De gemeenteraad heeft in zitting van 24 oktober 2016 beslist om enkele medewerkers van IGEAN de rol van sanctionerend ambtenaar toe te bedelen zodat zij instaan voor de verwerking van de opgestelde processen-verbaal naar aanleiding van overtredingen die beschreven staan in het GAS-reglement.
De gemeenteraad heeft in zitting van 2 december 2019 goedkeuring verleend aan volgende wijzigingen van het GAS-reglement: voorwaarden voor clubhuizen van motorclubs, gebruik van vuurwerk, aanpassen boetebedragen voor inbreuken parkeren en stilstaan, ...
Bij de verhuring van een goed dat bestemd is voor bewoning in de ruime betekenis, dient vanaf 18 mei 2017 in elke officiële en publieke mededeling het bedrag van de gevraagde huurprijs en van de gemeenschappelijke lasten te worden vermeld. Inbreuken op deze verplichting kunnen door de gemeenten worden bestraft met een administratieve boete tussen 50 en 200 euro.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikel 41.
Nieuwe Gemeentewet, meer bepaald artikelen 119, 119bis, 133 e.v. 134 en 135, §2.
Wet van 24 juni 2013 betreffende de administratieve sancties.
Burgerlijk Wetboek, artikel 1716.
Met ingang van 1 januari 2021 het reglement op de administratieve sancties als volgt vast te stellen:
Titel 1 - Algemene bepalingen.
Hoofdstuk 1 - Toepassingsgebied.
Artikel 1
Deze verordening regelt een aantal gemeentelijke bevoegdheden zoals voorzien in de gemeentewet en het gemeentedecreet. Het regelt het toezicht op de openbare rust, veiligheid, gezondheid, netheid en overlast.
Artikel 2
Dit reglement is van toepassing op het grondgebied van de gemeente Wuustwezel, die deel uitmaakt van de meergemeentepolitiezone Grens en op elke persoon die zich op het grondgebied bevindt, ongeacht zijn/haar woonplaats of nationaliteit.
Hoofdstuk 2 - Begrippen.
Artikel 3
§ 1. Openbare ruimte
Voor de toepassing van dit reglement, verstaat men onder “openbare ruimte”:
§ 2. Openbare overlast
Openbare overlast: iedere gedraging die het harmonieus verloop van de menselijke activiteit kan verstoren en de levenskwaliteit van de inwoners van de gemeente, een wijk of een straat kan beperken op een manier die de normale druk van het sociale leven overschrijdt.
§ 3. Openbare orde
De openbare orde bestaat uit de openbare rust, veiligheid, gezondheid en netheid:
Hoofdstuk 3 - Herroepbaar karakter van een vergunning en modaliteiten voor het gebruik ervan.
Artikel 4
§ 1. De vergunningen opgenomen in het GAS-reglement zijn herroepbaar en worden afgegeven in de vorm van een persoonlijke en onoverdraagbare titel, die de gemeente niet aansprakelijk stelt behoudens in de wettelijk voorziene gevallen.
Ze kunnen op ieder moment opgeheven worden wanneer het algemene belang het vereist. Ze kunnen ook geschorst of ingetrokken worden door het college van burgemeester en schepenen wanneer de houder een overtreding begaat tegen onderhavig reglement, overeenkomstig de bij artikel 119bis van de Nieuwe gemeentewet en de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voorziene procedure.
§ 2. Op straffe van een administratieve geldboete van maximum 350 euro moeten de begunstigden zich strikt houden aan de opgelegde voorschriften van de vergunning en erover waken dat diens voorwerp geen schade kan berokkenen aan anderen, noch de openbare rust, veiligheid, gezondheid of netheid in het gedrang kan brengen.
Behoudens in de wettelijke voorziene gevallen is de gemeente niet aansprakelijk voor de schade die kan voortvloeien uit de - al dan niet foutieve - uitoefening van de bij de vergunning beoogde activiteit.
§ 3. Wanneer de vergunning betrekking heeft op:
Artikel 5
Wanneer de openbare rust, veiligheid, gezondheid of netheid in het gedrang komen door situaties waarvan de oorzaak bij privé-eigendommen ligt, kan de burgemeester de nodige besluiten nemen om de toestand te verhelpen.
De eigenaars, huurders, bezetters of zij die er op een of andere manier verantwoordelijk voor zijn, moeten er zich naar schikken.
In geval van weigering of vertraging in de uitvoering van de bij voornoemde besluiten voorgeschreven maatregelen, alsook indien het onmogelijk is ze aan de betrokkenen te betekenen, kan de burgemeester of zijn gevolmachtigde ambtshalve de maatregelen uitvoeren op kosten en verantwoordelijkheid van de in gebreke blijvende partijen.
Artikel 6
De persoon die de voorschriften van de bepalingen van onderhavig reglement niet naleeft, is burgerlijk aansprakelijk voor de schade die daaruit kan voortvloeien.
De gemeente is niet aansprakelijk voor de schade die zou voortvloeien uit de niet-naleving door derden van de bij dit reglement voorgeschreven bepalingen.
Titel 2 - Openbare rust
Hoofdstuk 1 - Algemene bepalingen
Afdeling 1 - Geluidsoverlast
Artikel 7
Iedereen is verplicht zich zodanig te gedragen dat anderen niet meer dan noodzakelijk door geluid gehinderd worden.
Elk gerucht, lawaai of rumoer bij dag is verboden, wanneer het zonder noodzaak wordt veroorzaakt, wanneer het te wijten is aan een gebrek aan voorzorg en wanneer het van aard is de rust van de inwoners te verstoren.
Afdeling 2 - Niet-hinderlijk geluid
Artikel 8
Een geluid wordt als niet-hinderlijk beschouwd wanneer dit het gevolg is van:
Hoofdstuk 2 - Specifieke bepalingen
Afdeling 1 - Inrichtingen die gewoonlijk voor het publiek toegankelijk zijn
Artikel 9
De bepalingen van deze afdeling zijn van toepassing op voor het publiek toegankelijke etablissementen, feesttenten en in het algemeen op de inrichtingen die dranken verkopen.
Artikel 10
De organisatoren van feestelijkheden en vermakelijkheden van welke aard en onder welke benaming ook, alsook uitbaters van instellingen, moeten de nodige schikkingen treffen om openbare overlast, veroorzaakt door de deelnemers of de bezoekers, tot een minimum te beperken.
Artikel 11
De burgemeester kan de voor het publiek toegankelijke inrichtingen door de politie laten ontruimen en sluiten als er wanorde of lawaai wordt vastgesteld die de openbare rust of de rust van de omwonenden kan storen.
Afdeling 2 - Elektronisch versterkte en niet-elektronisch versterkte geluidsgolven
Artikel 12
Zonder de voorafgaande en schriftelijke toelating van het college van burgemeester en schepenen zijn het geven van stemopvoeringen, instrumentale of muzikale uitvoeringen, en in het algemeen het gebruik van geluidsversterkers, luidsprekers, muziekinstrumenten of andere geluidsinstallaties, verboden in de openbare ruimte. Dit is ook buiten en binnen gebouwen het geval wanneer de uitzending bestemd is om op de openbare weg gehoord te worden.
Niettegenstaande de voormelde toelating uit het eerste lid, mag het geluid niet als hinderlijk worden beschouwd of aanleiding geven tot gerechtvaardigde klachten.
Er is geen toelating nodig voor het maken van zachte sfeermuziek in straten beperkt van 10.00 uur tot 22.00 uur, of in geval van een braderij, kersthappening, dorpsdag,… tot het door het college van burgemeester en schepenen bepaalde einduur. Dit geldt voor evenementen waarbij het spelen van muziek niet de hoofdactiviteit betreft.
Artikel 13
Een toelating is niet vereist voor het geven van opvoeringen en voor het gebruik van geluidsinstallaties, en dit buiten de openbare ruimte, indien het geluid niet bestemd is om in de openbare ruimte gehoord te worden. Het gebruik ervan is evenwel slechts toegelaten voor zover het geluid niet als hinderlijk kan worden beschouwd of voor zover het geen aanleiding geeft tot gerechtvaardigde klachten.
Afdeling 3 - Geluidsgolven vanuit voertuigen
Artikel 14
Het is de bestuurder van een voertuig verboden elektronisch versterkte muziek te produceren die hoorbaar is buiten het voertuig. De overtredingen tegen deze bepaling worden verondersteld door de eigenaar van het voertuig of door de houder van de kentekenplaat te zijn begaan, tot bewijs van het tegendeel.
Afdeling 4 - Dieren
Artikel 15
Dieren mogen geen hinder veroorzaken door aanhoudend geblaf, geschreeuw, gekrijs of een ander aanhoudend geluid. De overtreding tegen deze bepaling wordt verondersteld door de houder van het dier te zijn begaan.
Afdeling 5 - Vuurwerk
Artikel 16
§1 Vuurwerkgebruik gedurende het jaar
Het is verboden vuurwerk af te steken op het grondgebied van Wuustwezel. De burgemeester kan van dit verbod afwijken indien het gebruik van geluidsarm vuurwerk kadert binnen een evenement. Men dient het evenement en het vuurwerkgebruik tijdig (6 weken op voorhand) aan te vragen. Het college van burgemeester en schepenen verleent de toestemming voor het evenement. De burgemeester verleent de toestemming voor het afsteken van geluidsarm vuurwerk op een bepaalde plaats binnen een bepaald tijdsbestek. Het geluidsarm vuurwerk dient door een professionele firma of daarvoor gekwalificeerd persoon te worden afgestoken, dit om de veiligheid van de omstaanders te garanderen. Geluidsarm vuurwerk is vuurwerk dat maximum 85 decibel produceert.
§2. Vuurwerkgebruik tijdens oudejaarsnacht
Het is verboden vuurwerk af te steken op het grondgebied van Wuustwezel. De burgemeester kan van dit verbod afwijken tijdens de periode van 31 december 23u59 tot 1 januari 00u30 en wanneer het afsteken van geluidsarm vuurwerk wordt aangevraagd bij de lokale overheid. De aanvraag gebeurt via een online aanvraagformulier en wordt ten laatste ingediend op 19 december, 12u00. Aanvragen ingediend na deze datum, worden niet behandeld en bijgevolg geweigerd. De burgemeester kan de toestemming verlenen voor het afsteken van geluidsarm vuurwerk op een bepaalde plaats tussen 31 december 23u59 tot 1 januari 00u30. Geluidsarm vuurwerk is vuurwerk dat maximum 85 decibel produceert.
Afdeling 6 - Afstelling van motoren
Artikel 17
Het is verboden in de openbare ruimte over te gaan tot het luidruchtig afstellen van motoren, ongeacht hun vermogen.
Afdeling 7 - Lichtvervuiling en lichthinder
Artikel 18
Tenzij andere reglementaire bepalingen, moet men de nodige maatregelen treffen om lichthinder te voorkomen.
Behoudens voorafgaande en schriftelijke toelating van het college van burgemeester en schepenen is het verboden gebruik te maken van het luchtruim boven het grondgebied van de gemeente voor het voortbrengen of projecteren, hetzij rechtstreeks hetzij door weerkaatsing van lichtbundels, van laserlicht of licht met een gelijkaardig effect. Naast andere wettelijke bepalingen en het Vlaams Reglement betreffende de milieuvergunning (Vlarem) moet elke uitbater de nodige maatregelen nemen om lichthinder te voorkomen.
Titel 3 - De openbare netheid en gezondheid
Hoofdstuk 1 - Netheid van de openbare ruimte
Afdeling 1 - Algemeen verbod op het bevuilen van de openbare ruimte
Artikel 19
Het is verboden de openbare ruimte te bevuilen op gelijk welke manier door eigen toedoen of door toedoen van de personen, dieren of zaken waarop men toezicht of waarover men zeggenschap heeft.
Afdeling 2 - Netheid van openbare ruimte en van eigendommen
Artikel 20
Iedere bewoner, gebruiker of eigenaar van een pand dat aan de openbare weg grenst, is verplicht het voetpad tussen zijn pand en de normale rijbaan in alle redelijkheid zodanig te onderhouden, dat iedereen er veilig gebruik kan van maken.
Artikel 21
De goede staat van onbebouwde terreinen, braakgronden en onbebouwde gedeelten van eigendommen moet op ieder moment verzekerd zijn. Er moet over gewaakt worden dat de begroeiing noch de openbare eigendom schaadt, noch de openbare veiligheid bedreigt.
Het is verboden vuilnis of puin te storten, tenzij men over de vereiste vergunningen beschikt.
Artikel 22
De begeleiders van dieren, met uitzondering van personen met een handicap vergezeld van een geleidehond en van rolstoelgebruikers, zijn verplicht:
De begeleiders van honden, met uitzondering van personen met een handicap vergezeld van een geleidehond en van rolstoelgebruikers, moeten steeds in het bezit zijn van een zakje voor het verwijderen van de uitwerpselen van hun dier. Het zakje dient op het eerste verzoek te worden getoond.
Artikel 23
Aanplakking op het openbaar domein, of erover uitstekend, kan slechts op de plaatsen die hiertoe specifiek bestemd en aangeduid zijn door de gemeentelijke overheid, tenzij voorafgaande en schriftelijke toelating van de burgemeester.
Artikel 24
Voor het plaatsen van tijdelijke publiciteitsborden of wegwijzers voor evenementen langs de openbare weg, is vooraf een schriftelijke toestemming van het college van burgemeester en schepenen vereist. In de toelating kunnen beperkingen worden opgelegd. Voor het plaatsen van publiciteitsborden en wegwijzers langs gewestwegen is vooraf een schriftelijke toestemming van de wegbeheerder vereist.
Artikel 25
§1. De tijdelijke wegwijzers voor een manifestatie mogen slechts maximaal drie dagen voor de aanvang van deze manifestatie geplaatst worden. De wegwijzers moeten aangebracht worden op een plaats en wijze zodat ze geen hinder of geen problemen voor de verkeersveiligheid veroorzaken. Deze wegwijzers moeten eveneens stevig worden vastgehecht of in de grond geplaatst, zodat ze niet kunnen loskomen, ongeacht de weersomstandigheden.
De wegwijzers hebben een maximale grootte van0,5 m².
Ze moeten verwijderd worden binnen de 7 dagen na de manifestatie.
§2. De gemeente kan in geen geval aansprakelijk worden gesteld voor de schade aan de borden of aan derden, die voortspruit uit de opstelling of opstellingswijze van de borden. De gemeente kan in geen geval aansprakelijk gesteld worden voor diefstal van tijdelijke bewegwijzering.
Artikel 26
Bij overtreding zal de aanbrenger van de aanplakkingen of wegwijzers vooreerst als verantwoordelijke worden aangeduid. Is de aanbrenger niet gekend, dan zal de verantwoordelijke uitgever als verantwoordelijke worden aangeduid. Is er geen verantwoordelijke uitgever vermeld, dan is de organisator van de activiteit, waarvoor reclame wordt gemaakt, de verantwoordelijke.
Artikel 27
Het is verboden in de openbare ruimte voertuigen te herstellen, met uitzondering van:
Eventuele bevuiling van de openbare ruimte dient onmiddellijk te worden weggewerkt.
Artikel 28
De verkopers van voedingsproducten die buiten de verkoopsinrichting worden verbruikt, dienen het nodige te doen opdat hun klanten de openbare ruimte rond hun handel niet vervuilen.
Zij moeten hun voertuigen, hun kramen of inrichtingen voorzien van een duidelijk zichtbare en goed bereikbare afvalrecipiënten uit onbrandbaar materiaal bestemd voor papier en afval.
De verkopers staan in voor:
Artikel 29
Het is verboden in de openbare ruimte te urineren of menselijke ontlasting achter te laten, behalve in de daartoe bestemde plaatsen.
Artikel 30
Werken die stof of afval op de omringende eigendommen of op de openbare weg kunnen verspreiden, mogen slechts aangevat worden na het aanbrengen van ondoordringbare schermen.
De aannemers of personen, gelast met het vervoer van stoffen en materialen die de openbare weg kunnen bevuilen, moeten hun wagens zodanig afdekken dat niets van de lading op de openbare weg zou kunnen vallen.
De aannemers of verantwoordelijken zijn eveneens verplicht de openbare wegen in de omgeving van de werkplaatsen waar geladen en gelost wordt, volledig proper te houden.
Aan vrachtvervoer dat schade of bevuiling aan de openbare weg veroorzaakt of kan veroorzaken, kan een verplichte reisweg worden opgelegd door de burgemeester of zijn gevolmachtigde. De vervoerders blijven verantwoordelijk voor eventuele schade aan de weg en eveneens voor het reinigen ervan.
Hoofdstuk 2 - Openbare gezondheid
Artikel 31
De eigenaar van een niet-bewoond of niet-gebruikt gebouw is verplicht het op een zodanige wijze af te sluiten, dat iedere toegangsmogelijkheid, zonder inbraak, wordt voorkomen.
Artikel 32
Het is verboden rook, stof of geuren voort te brengen die de buren hinderen of de lucht verontreinigen.
Het is verboden te stoken of vuur te maken in open lucht, behoudens:
De stoker, diegene die toezicht houdt en de eigenaar van het perceel waar vuur gemaakt wordt, moeten gevolg geven aan het eerste verzoek van de politie of brandweer om het vuur te doven. Wordt hieraan geen gevolg gegeven, dan kan de politie de brandweer vorderen en op kosten en risico van de overtreder de opdracht geven het vuur te doven. De kosten worden aangerekend volgens het toepasselijk retributiereglement.
De bepalingen van het veldwetboek blijven eveneens van toepassing.
Artikel 32 bis
Het gebruik van pesticiden op het openbaar domein en plaatsen, bepaald in artikel 3 van het Besluit Duurzaam Pesticidengebruik van de Vlaamse regering behalve in geval van een afwijking zoals bepaald in artikel 5 van het Besluit Duurzaam Pesticidengebruik van de Vlaamse regering, is verboden. Onder pesticiden wordt verstaan een gewasbeschermingsmiddel en een biocide zoals bedoeld in artikel 3 van het decreet van 8.02.2013 houdende duurzaam gebruik van pesticiden in het Vlaams Gewest.
Titel 4. De openbare veiligheid en vlotte doorgang
Hoofdstuk 1. Gemeenschappelijke bepalingen voor de bevordering van de openbare veiligheid en de vlotte doorgang
Artikel 33
Het is in het algemeen verboden in openbare ruimten, in voor het publiek toegankelijke plaatsen en in privé-eigendommen over te gaan tot gelijk welke activiteit die de openbare veiligheid of de veilige en vlotte doorgang in het gedrang kan brengen.
Artikel 34
Iedereen die een manifestatie op de openbare weg wenst te houden, dient daarvoor voorafgaandelijk een schriftelijke toelating van het college van burgemeester en schepenen te bekomen.
Het college van burgemeester en schepenen bepaalt de voorwaarden waaronder deze manifestatie kan doorgaan.
Elke persoon die deelneemt aan een dergelijke samenkomst op de openbare weg, moet zich schikken naar de bevelen van de politie die tot doel hebben de veiligheid of het gemak van doorgang te vrijwaren of te herstellen.
Wanneer er aanwijzingen zijn dat een bijeenkomst op een openbare plaats de openbare orde ernstig zou kunnen verstoren, kan de burgemeester voorwaarden opleggen om de openbare orde te vrijwaren.
Hoofdstuk 2. Openbare veiligheid
Artikel 35
Dieren moeten met alle gepaste middelen vastgehouden worden, en minstens met een leiband, op iedere plaats van de openbare ruimte. Voor honden geldt deze regel niet op de hondenweides.
Het is verboden dieren te laten begeleiden door personen die het dier niet onder controle kunnen houden.
Artikel 36
De eigenaars van dieren of de personen die, al is het maar occasioneel, op de dieren letten, dienen erover te waken dat deze dieren:
Hoofdstuk 3. Vlotte doorgang
Artikel 37
Het is verboden werken uit te voeren op de openbare weg zonder schriftelijke toelating van de burgemeester of zijn gevolmachtigde.
De werken moeten uitgevoerd worden onder de voorwaarden die in de toelating bepaald zijn. De signalisatie moet conform de richtlijnen van de lokale politie aangebracht zijn.
Na afloop van de werken moeten de openbare weg, de signalisatie en de wegmarkeringen hersteld worden in de toestand waarin zij zich bevonden voor de uitvoering der werken. Dit binnen de opgelegde termijn, uiterlijk 48 uur na afloop van de werken.
Artikel 38
Onder het plaatsen van verkeersbelemmeringen op de openbare weg worden niet limitatief verstaan: containers, verhuisliften, betonmixers, betonpompen, …
Deze kunnen enkel worden geplaatst na schriftelijke toelating van de burgemeester of zijn gevolmachtigde.
De in deze toelating opgenomen voorwaarden moeten worden nageleefd. Op niet naleving van de voorwaarden bepaald in de toelating, kan de burgemeester de verwijdering bevelen van deze belemmeringen.
Artikel 39
Het is verboden hinder te veroorzaken op de openbare ruimte tijdens de uitvoering van werken op privéterrein.
Artikel 40
Werken kunnen zowel op als buiten de openbare weg uitgevoerd worden. In beide gevallen moeten de kabels, leidingen, riolen en riooldeksels onmiddellijk bereikbaar blijven.
De pictogram- en signalisatieborden die niet meer zichtbaar zijn, moeten verplaatst worden naar een plaats die door de bevoegde gemeentelijke overheid wordt aangewezen. Op het einde van de werken moeten ze terug op hun oorspronkelijke plaats worden aangebracht.
Artikel 41
Het is verboden de openbare ruimte in te nemen zonder een voorafgaandelijke schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en schepenen, dat de voorwaarden ervan bepaalt.
Artikel 42
De eigenaars of gebruikers van private eigendommen moeten ervoor zorgen dat bomen, hagen, beplantingen, afsluitingen en andere voorwerpen
De hagen langs de openbare weg moeten zodanig ingekort worden, dat zij niet over de openbare weg, en dan voornamelijk het voetpad, hangen.
Indien bijzondere veiligheidsredenen dat vereisen, kan de burgemeester of zijn gevolmachtigde specifieke maatregelen opleggen waarbij de voorgeschreven werken moeten uitgevoerd worden binnen de voorziene tijd na de betekening.
Artikel 43
Het is verboden voorwerpen op de openbare weg achter te laten die door hun aanwezigheid schade kunnen berokkenen aan derden of aanleiding kunnen geven tot ongevallen.
Artikel 44
Het is verboden lange of omvangrijke voorwerpen van de binnenkant van een gebouw op de openbare weg te laten uitsteken zonder de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen om de veiligheid van de voorbijgangers te waarborgen.
De buitenzonneblinden, beweegbare luiken of zonnegordijnen van gebouwen langs de rooilijn die aan de openbare weg grenst, dienen een minimumhoogte van2 meterboven het maaiveld te hebben.
Artikel 45
De eigenaars of gebruikers van huizen en gebouwen die voor huisvesting of voor de vestiging van een handel, nijverheid, industrie of bedrijf kunnen dienen, zijn verplicht deze huizen en gebouwen te nummeren.
Het toegewezen nummer moet ofwel op de naar de openbare weg gerichte gevel, ofwel op de brievenbus aangebracht worden. De nummers worden op zodanige wijze aangebracht dat zij vanaf de openbare weg zichtbaar en leesbaar zijn, met een minimumhoogte van6 cm.
Bij het in gebreke blijven van de eigenaar kan de nummering, na schriftelijke aanmaning van de eigenaar door de burgemeester of zijn gevolmachtigde, ambtshalve en op kosten van de eigenaar uitgevoerd worden door het gemeentebestuur.
Artikel 46
De eigenaars, vruchtgebruikers, huurders, bewoners of om het even welke verantwoordelijken van een gebouw, moeten het aanbrengen, onderhouden en vervangen toestaan van:
Dit moet gebeuren op de gevel of topgevel van hun gebouw, ook wanneer dit zich buiten de rooilijn bevindt (in dit geval eventueel langs de straatkant), en zonder dat dit voor hen enige schadeloosstelling teweegbrengt.
Titel 5. Begraafplaatsen
Artikel 47
De begraafplaatsen zijn alle dagen van zonsopgang tot zonsondergang toegankelijk voor het publiek.
Voor dienstnoodwendigheden kunnen de begraafplaatsen, tijdens deze openingsuren, op bevel van de burgemeester of zijn gevolmachtigde tijdelijk voor het publiek gesloten worden.
De begraafplaatsen mogen enkel betreden worden door voetgangers, vervoermiddelen van personen met een handicap of lijkwagens bij begrafenissen. Andere voertuigen mogen dit enkel mits machtiging van de burgemeester of zijn aangestelde.
Artikel 48
Op de begraafplaatsen is het verboden gelijk welke daad te stellen, houding aan te nemen of manifestatie op het getouw te zetten die de welvoeglijkheid van de plaats, de orde en de eerbied voor de doden stoort of kan storen.
Artikel 49
Op de begraafplaatsen is het aanbrengen van elke aanplakking, reclame, opschriften en voorwerpen verboden, behalve in de gevallen voorzien in het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging.
Artikel 50
Het is verboden op de begraafplaatsen te leuren, gelijk welke voorwerpen uit te stallen of te verkopen, of zijn diensten aan te bieden tegen betaling. Het college van burgemeester en schepenen kan hierop uitzonderingen voorzien.
Artikel 51
Het is verboden papier, verpakkingsmiddelen of ander afval op de begraafplaatsen achter te laten, behalve in de ter beschikking staande containers.
Titel 6. Groene ruimtes
Artikel 52
De in groene ruimtes aangebrachte verkeerstekens hebben dezelfde betekenis als deze die in het algemeen politiereglement van het wegverkeer wordt aangegeven.
Artikel 53
Het is verboden in de groene ruimtes te rijden met motorvoertuigen. Dit is enkel toegelaten aan de gemeentelijke voertuigen en aan bewoners van binnen de groene ruimtes, dit via de kortst mogelijke weg.
Artikel 54
De speeltuigen opgesteld in de groene ruimtes moeten met respect behandeld worden.
Artikel 55
De groene ruimtes moeten met respect behandeld worden.
Artikel 56
Het is verboden de normale activiteiten binnen de groene ruimtes op welke wijze dan ook hinderlijk te verstoren.
Artikel 57
Telkens wanneer bijzondere omstandigheden het vereisen, kan het schepencollege de toegang tot de groene ruimtes geheel of gedeeltelijk uitbreiden, beperken of verbieden.
Titel 6B. Voorwaarden voor clubhuizen van motorclubs
Artikel 57bis
Begrippenkader
Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder volgende begrippen verstaan:
Toepassingsgebied
Onverminderd andere toepasselijke regelgeving, moeten de exploitant, de organisator en de deelnemers voldoen aan de bepalingen van dit reglement.
Voorwaarden
De organisatie of de exploitatie van een clubhuis of de deelname aan een bijeenkomst van een motorclub is verboden, tenzij aan de hiernavolgende voorwaarden is voldaan.
Voorwaarden met betrekking tot de inrichting
1° Het clubhuis moet voldoen aan de geldende regelgeving met betrekking tot stedenbouw, milieu en omgeving.
2° Het clubhuis moet voldoen aan de brandveiligheidsvereisten zoals die van toepassing zijn op dit soort van inrichtingen binnen de gemeente. Deze voorwaarden worden gecontroleerd door de gemeente, de brandweerzone en/of de politie. Deze diensten kunnen hiervoor bijkomende inlichtingen inwinnen bij andere diensten.
Het resultaat van deze controle wordt aan de burgemeester ter kennis gebracht.
Voorwaarden met betrekking tot de persoon
Er wordt een politioneel en/of administratief onderzoek gevoerd naar vaststellingen en/of veroordelingen, voor inbreuken op feiten zoals omschreven in:
De hiernavolgende personen moeten aan een gunstig onderzoek voldoen:
Als tijdens dit onderzoek wordt vastgesteld dat er een of meerdere vaststellingen en/of veroordelingen zijn, kan het onderzoek als ongunstig worden beschouwd.
Deze voorwaarden worden gecontroleerd door de gemeente en door de politie. Hiervoor kunnen bijkomende inlichtingen bij andere nationale en internationale diensten worden ingewonnen.
Modaliteiten
§1. Voor elke bijeenkomst van een motorclub dient de organisator, bij gebreke hieraan de exploitant, een deelnemerslijst op te maken met vermelding van naam, voornaam, roepnaam of alias, geboortedatum, rijksregisternummer, woonplaats en kentekenplaat van het voertuig.
§2. Op eerste verzoek van de lokale politie of de gemeente dient de organisator, bij gebreke hieraan de exploitant, de volledige en actuele deelnemerslijsten van de bijeenkomsten van de motorclub gedurende de laatste zes maanden te overhandigen.
§3. Het clubhuis moet tijdens een bijeenkomst onmiddellijk zowel van binnen als van buiten zonder tussenkomst van een derde toegankelijk zijn met het oog op de toegang van controlediensten van de gemeente, van brandweer en/of van politie.
§4. Het is verboden om ramen van een clubhuis tijdens de bijeenkomsten van de motorclub op enige wijze ondoorzichtig te maken (bijvoorbeeld: door er voorwerpen te plaatsen, de ramen met folie te bekleden, de gordijnen of de (rol)luiken te sluiten).
§5. Iedere aanwezige in het clubhuis dient te allen tijde toegang te verlenen aan controlediensten van de gemeente, van de brandweer en/of van de politie.
Het is verboden een bijeenkomst van een motorclub die niet voldoet aan de bepalingen van dit reglement, te faciliteren.
Titel 6C. Verplichte affichering van de huurprijs en de kosten
Artikel 57ter
Bij de verhuring van een onroerend goed dat bestemd is voor bewoning in de ruime betekenis (huis, appartement, kamer, enz.) dient in elke officiële of publieke mededeling het bedrag van de gevraagde huurprijs, van de gemeenschappelijke lasten en de EPC-waarden te worden vermeld.
Inbreuken op deze verplichting kunnen worden bestraft met een administratieve geldboete.
Titel 7. Gemengde inbreuken
Artikel 58
Onverminderd de toepassing van het strafwetboek (SWB) kunnen de volgende inbreuken bestraft worden met een administratieve geldboete.
Afdeling 1. Stilstaan en parkeren
Artikel 58bis
Een administratieve geldboete of onmiddellijke betaling kan worden opgelegd voor de overtredingen van het KB van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor overtredingen betreffende het stilstaan en parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen en het KB van 1/12/1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg begaan door meerderjarige personen of rechtspersonen.
- overtredingen eerste categorie: 58 euro
|
Binnen de woonerven en de erven, is het parkeren verboden, behalve: |
22bis, 4°, a) |
|
- op de plaatsen die afgebakend zijn door wegmarkeringen of door een wegbedekking in een andere kleur en waar de letter "P" aangebracht is; |
|
|
- op plaatsen waar een verkeersbord het toelaat. |
|
|
Op de openbare wegen voorzien van verhoogde inrichtingen, die aangekondigd zijn door de verkeersborden A14 en F87, of die op de kruispunten alleen aangekondigd zijn door de verkeersborden A14, of die gelegen zijn binnen een zone afgebakend door de verkeersborden F4a en F4b, is stilstaan en parkeren verboden op deze inrichtingen, behoudens plaatselijke reglementering. |
22ter.1, 3° |
|
In voetgangerszones is het parkeren verboden. |
22sexies2 |
|
Elk stilstaand of geparkeerd voertuig moet worden opgesteld rechts ten opzichte van zijn rijrichting. |
23.1, 1° |
|
Indien het een rijbaan is met eenrichtingsverkeer, mag het evenwel langs de ene of langs de andere kant opgesteld worden. |
|
|
Elk stilstaand of geparkeerd voertuig moet worden opgesteld: |
23.1, 2° |
|
- buiten de rijbaan op de gelijkgrondse berm of, buiten de bebouwde kommen, op eender welke berm; |
|
|
- indien het een berm betreft die de voetgangers moeten volgen, moet langs de buitenkant van de openbare weg een begaanbare strook van ten minste 1,50 meter breed vrijgelaten worden; |
|
|
- indien de berm niet breed genoeg is, moet het voertuig gedeeltelijk op de berm en gedeeltelijk op de rijbaan opgesteld worden; |
|
|
- indien er geen bruikbare berm is, moet het voertuig op de rijbaan opgesteld worden. |
|
|
Elk voertuig dat volledig of ten dele op de rijbaan opgesteld is, moet geplaatst worden: |
23.2, lid 1, 1° tot 3° |
|
1° zover mogelijk van de aslijn van de rijbaan; |
1° |
|
2° evenwijdig met de rand van de rijbaan, behoudens bijzondere plaatsaanleg; |
2° |
|
3° in één enkele file. |
3° |
|
Motorfietsen zonder zijspan of aanhangwagen mogen evenwel haaks op de rand van de rijbaan parkeren voor zover zij daarbij de aangeduide parkeermarkering niet overschrijden. |
23.2 lid 2 |
|
Fietsen en tweewielige bromfietsen moeten buiten de rijbaan en de parkeerzones bedoeld in artikel 75.2 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg opgesteld worden zonder het verkeer van de andere weggebruikers te hinderen of onveilig te maken, behalve op plaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3°. f van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg. |
23.3 |
|
Motorfietsen mogen buiten de rijbaan en de parkeerzones bedoeld in artikel 75.2 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer van het gebruik van de openbare weg opgesteld worden zonder het verkeer van de andere weggebruikers te hinderen of onveilig te maken. |
23.4 |
|
Het is verboden een voertuig te laten stilstaan of te parkeren op elke plaats waar het duidelijk een gevaar zou kunnen betekenen voor de andere weggebruikers of waar het hun onnodig zou kunnen hinderen, inzonderheid: |
24, lid 1, 2°, 4° en 7° tot 10° |
|
- op 3 meter of meer doch op minder dan 5 meter van de plaats waar de fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen verplicht zijn het fietspad te verlaten om op de rijbaan te rijden of de rijbaan te verlaten om op het fietspad te rijden; |
2° |
|
- op de rijbaan op 3 meter of meer doch op minder dan 5 meter voor de oversteekplaatsen voor voetgangers en de oversteekplaatsen voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen; |
4° |
|
- in de nabijheid van de kruispunten, op minder dan 5 meter van de verlenging van de naastbijgelegen rand van de dwarsrijbaan, behoudens plaatselijke reglementering; |
7° |
|
- op minder dan 20 meter voor de verkeerslichten op de kruispunten, behoudens plaatselijke reglementering; |
8° |
|
- op minder dan 20 meter voor de verkeerslichten buiten de kruispunten behalve voor voertuigen waarvan de hoogte, lading inbegrepen, niet meer dan 1,65 m bedraagt, wanneer de onderkant van die verkeerslichten zich ten minste 2 meter boven de rijbaan bevindt; |
9° |
|
- op minder dan 20 meter voor de verkeersborden behalve voor voertuigen waarvan de hoogte, lading inbegrepen, niet meer dan 1,65 m bedraagt, wanneer de onderkant van die verkeersborden zich ten minste 2 meter boven de rijbaan bevindt. |
10° |
|
Het is verboden een voertuig te parkeren: |
25.1 |
|
- op minder dan 1 meter zowel voor als achter een ander stilstaand of geparkeerd voertuig en op elke plaats waar het voertuig het instappen in of het wegrijden van een ander voertuig zou verhinderen; |
1°, |
|
- op minder dan 15 meter aan weerszijden van een bord dat een autobus-, trolleybus- of tramhalte aanwijst; |
2°, |
|
- voor de inrij van eigendommen, behalve de voertuigen waarvan het inschrijvingsteken leesbaar op die inrij is aangebracht; |
3°, |
|
- op elke plaats waar het voertuig de toegang tot buiten de rijbaan aangelegde parkeerplaatsen zou verhinderen; |
5°, |
|
- buiten de bebouwde kommen op de rijbaan van een openbare weg waarop het verkeersbord B9 is aangebracht; |
8°, |
|
- op de rijbaan wanneer deze verdeeld is in rijstroken, behalve op de plaatsen waar het verkeersbord E9a of E9b is aangebracht; |
9°, |
|
- op de rijbaan langs de gele onderbroken streep, bedoeld in artikel 75.1.2.° van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg; |
10°, |
|
- op rijbanen met tweerichtingsverkeer tegenover een ander stilstaand of geparkeerd voertuig, wanneer twee andere voertuigen daardoor elkaar moeilijk zouden kunnen kruisen; |
11°, |
|
- op de middelste rijbaan van een openbare weg met drie rijbanen; |
12°, |
|
- buiten de bebouwde kommen, langs de linkerkant van een rijbaan van een openbare weg met twee rijbanen of op de middenberm die deze rijbanen scheidt. |
13° |
|
Het is verboden onjuiste aanduidingen op de schijf te laten verschijnen. De aanduidingen van de schijf mogen niet gewijzigd worden voordat het voertuig de parkeerplaats verlaten heeft. |
27.1.3 |
|
Het is verboden op de openbare weg motorvoertuigen die niet meer kunnen rijden en aanhangwagens langer dan vierentwintig uur na elkaar te parkeren. |
27.5.1 |
|
Binnen de bebouwde kommen is het verboden op de openbare weg auto's, slepen en aanhangwagens met een maximale toegelaten massa van meer dan 7,5 ton langer dan acht uur na elkaar te parkeren, behalve op de plaatsen waar het verkeersbord E9a, E9c of E9d is aangebracht. |
27.5.2 |
|
Het is verboden op de openbare weg reclamevoertuigen langer dan drie uur na elkaar te parkeren. |
27.5.3 |
|
Het niet hebben aangebracht van de speciale kaart bedoeld in artikel 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg of het door artikel 27.4.1 van hetzelfde besluit hiermee gelijkgesteld document op de binnenkant van de voorruit of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het op een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap geparkeerde voertuig. |
27bis |
|
Verkeersborden E1, E3, E5, E7 en van type E9 betreffende het stilstaan en het parkeren niet in acht nemen. |
70.2.1 |
|
Het verkeersbord E11 niet in acht nemen. |
70.3 |
|
Het stilstaan of parkeren is verboden op markeringen van verkeersgeleiders en verdrijvingsvlakken. |
77.4 |
|
Het stilstaan of parkeren is verboden op witte markeringen bedoeld in artikel 77.5 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg die de plaatsen afbakenen waar de voertuigen moeten staan. |
77.5 |
|
Het stilstaan of parkeren is verboden op de dambordmarkering die bestaat uit witte vierkanten die op de grond zijn aangebracht. |
77.8 |
|
Het niet in acht nemen van het verkeersbord C3 wanneer deze inbreuken vastgesteld worden door automatisch werkende toestellen. |
68.3 |
|
Het niet in acht nemen van het verkeersbord F 103 wanneer deze inbreuken vastgesteld worden door automatisch werkende toestellen. |
68.3 |
- overtredingen tweede categorie: 116 euro
|
Het is verboden een voertuig te laten stilstaan of te parkeren op autowegen, behalve op de parkeerstroken, aangewezen door het verkeersbord E9a. |
22.2 en 21.4, 4° |
|
Het is verboden een voertuig te laten stilstaan of te parkeren op elke plaats waar het duidelijk een gevaar zou kunnen betekenen voor de andere weggebruikers of waar het hun onnodig zou kunnen hinderen, inzonderheid : |
24, lid 1, |
|
- op de trottoirs en, binnen de bebouwde kommen, op de verhoogde bermen, behoudens plaatselijke reglementering; |
1°, |
|
- op de fietspaden en op minder dan 3 meter van de plaats waar de fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen verplicht zijn het fietspad te verlaten om op de rijbaan te rijden of de rijbaan te verlaten om op het fietspad te rijden; |
2°, |
|
- op de oversteekplaatsen voor voetgangers, op de oversteekplaatsen voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen en op de rijbaan op minder dan 3 meter voor deze oversteekplaatsen; |
4°, |
|
- op de rijbaan in de onderbruggingen, in de tunnels en behoudens plaatselijke reglementering onder de bruggen; |
5° |
|
- op de rijbaan nabij de top van een helling en in een bocht wanneer de zichtbaarheid onvoldoende is. |
6° |
|
Het is verboden een voertuig te parkeren: |
25.1, |
|
- op de plaatsen waar de voetgangers en de fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen op de rijbaan moeten komen om omheen een hindernis te gaan of te rijden; |
4°, |
|
- op de plaatsen waar de doorgang van spoorvoertuigen zou belemmerd worden; |
6°, |
|
- wanneer de vrije doorgang op de rijbaan minder dan 3 meter breed zou worden. |
7° |
|
Het is verboden een voertuig te parkeren op de parkeerplaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3°, c van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg behalve voor de voertuigen gebruikt door personen met een handicap die in het bezit zijn van een speciale kaart zoals bedoeld in artikel 27.4.1 of 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg. |
25.1, 14° |
Titel 8. Procedure en slotbepalingen
Hoofdstuk 1. Bevoegdheid
Artikel 59
In geval van overtreding van deze verordening kan de politie de overtreder aanmanen om de niet-reglementaire toestand ongedaan te maken.
De ambtenaren aangeduid in het kader van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties zijn bevoegd voor de vaststelling van alle overtredingen vervat in deze politieverordening.
Hoofdstuk 2. De procedure met uitzondering van de procedure bij stilstaan en parkeren en inbreuken op het verkeersbord C3 en F103
Artikel 60
§1. De administratieve procedure wordt overeenkomstig hoofdstuk 3 van de Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, opgestart door de sanctionerende ambtenaar door middel van een aangetekende brief.
§2. De overtreder wordt in kennis gesteld van de feiten en hun kwalificaties, die hem ten laste worden gelegd, evenals van een kopie van het proces-verbaal of bestuurlijk verslag. In de kennisgeving wordt de overtreder eveneens gewezen op de mogelijkheid tot inzage van zijn dossier en tot bijstand door een raadsman.
§3. De overtreder dient zijn verweerschrift, met een eventueel verzoek tot mondelinge verdediging van zijn zaak, bij een ter post aangetekende zending te versturen uiterlijk de 15de dag na de datum van kennisgeving.
§4. Het verzoek tot mondelinge verdediging van zijn zaak is enkel mogelijk indien het een overtreding betreft die gesanctioneerd wordt met een geldboete die hoger is dan 70 euro.
§5. De aangewezen sanctionerende ambtenaar bepaalt in dit geval de dag waarop dit mondeling onderhoud plaatsvindt.
Artikel 61
De gemeente stelt de betrokkene met een aangetekend schrijven in kennis van de beslissing van de sanctionerend ambtenaar.
Artikel 62
Naast de kennisgeving van de beslissing, bedoeld in bovenvermeld artikel, wordt de betrokkene geïnformeerd over enerzijds de wijze waarop de administratieve geldboete kan betaald worden, hetzij door het bijgevoegde overschrijvingsformulier, hetzij door overschrijving bij invorderingsstaat of contant in handen van de financieel beheerder en anderzijds zijn beroepsmogelijkheden.
Artikel 63
De aangewezen sanctionerend ambtenaar kan geen administratieve geldboete opleggen na het verstrijken van een termijn van zes maanden voor meerderjarigen en 12 maanden voor minderjarigen, te rekenen van de dag van de vaststelling van de feiten.
Hoofdstuk 3. De procedure bij inbreuken op het stilstaan en parkeren en het verkeersbord C3 en F103
Artikel 64
§1. De sanctionerend ambtenaar deelt binnen de vijftien dagen na ontvangst van de vaststelling van de inbreuk, bij gewone zending, aan de overtreder de gegevens mee met betrekking tot de vastgestelde feiten en de begane inbreuk, alsmede het bedrag van de administratieve geldboete;
De administratieve boete wordt betaald door de overtreder binnen 30 dagen na de kennisgeving ervan, tenzij de overtreder binnen deze termijn zijn verweermiddelen bij gewone zending doet geworden aan de sanctionerend ambtenaar. De overtreder kan binnen deze termijn op zijn verzoek worden gehoord wanneer het bedrag van de administratieve geldboete hoger ligt dan 70 euro.
§2. Verklaart de sanctionerend ambtenaar de verweermiddelen niet gegrond, dan brengt hij de overtreder hiervan op een met redenen omklede wijze op de hoogte met verwijzing naar de te betalen administratieve geldboete die binnen een nieuwe termijn van 30 dagen na deze kennisgeving moet worden betaald.
§3. Wordt de administratieve geldboete niet betaald binnen de eerste termijn van 30 dagen, dan wordt, behoudens in geval van verweermiddelen, een herinnering verstuurd met uitnodiging tot betaling binnen een nieuwe termijn van 30 dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van die herinnering.
§4. Bij inbreuken bedoeld in artikel 3,3° van de wet van 24 juni 2013 wordt bij afwezigheid van de bestuurder vermoed dat deze is begaan door de houder van de kentekenplaat van het voertuig. De houder van de kentekenplaat kan dit vermoeden weerleggen door met elk middel te bewijzen dat hij niet de bestuurder was op het ogenblik van de feiten. In dat geval is hij ertoe gehouden de identiteit van de onmiskenbare bestuurder kenbaar te maken binnen de 30 dagen na kennisgeving van de overtreding, behalve wanneer hij diefstal, fraude of overmacht kan bewijzen. Bij gebreke aan de mededeling van de identiteit van de onmiskenbare bestuurder zal er aan de houder van de kentekenplaat van het voertuig een gemeentelijke administratieve sanctie worden opgelegd.
Hoofdstuk 4. Administratieve geldboete - sancties
Artikel 65
De inbreuken op bovenvermelde bepalingen, met uitzondering van de artikelen inzake procedure en de inbreuken op het stilstaan en parkeren, kunnen gesanctioneerd worden met een administratieve sanctie van maximaal 350,00 euro.
Voor minderjarigen vanaf 16 jaar is dit bedrag beperkt tot maximaal 175,00 euro.
In voorkomend geval kan het college van burgemeester en schepenen
Artikel 66
De administratieve sanctie wordt proportioneel bepaald in functie van de zwaarte van de feiten die haar verantwoorden en in functie van eventuele herhaling. Herhaling (recidive) bestaat wanneer de overtreder reeds werd gesanctioneerd voor eenzelfde inbreuk binnen de 24 maanden voorafgaand aan de nieuwe vaststelling van de inbreuk.
Artikel 67
In geval van verstoring van de openbare orde veroorzaakt door individuele of collectieve gedragingen, of in geval van herhaaldelijke inbreuken op de reglementen en verordeningen van de gemeenteraad gepleegd op eenzelfde plaats of ter gelegenheid van gelijkaardige gebeurtenissen en die een verstoring van de openbare orde of een overlast met zich meebrengen, kan de burgemeester beslissen om overeenkomstig artikel 134sexies van de Nieuwe gemeentewet, over te gaan tot het opleggen van een tijdelijk plaatsverbod van een maand, tweemaal hernieuwbaar.
Onder tijdelijk plaatsverbod wordt verstaan het verbod binnen te treden in een of meerdere duidelijke perimeters van plaatsen die als toegankelijk voor het publiek worden bepaald, gelegen binnen een gemeente, zonder evenwel het geheel van het grondgebied te beslaan.
Het negeren van het plaatsverbod wordt bestraft met een gemeentelijke administratieve geldboete zoals voorzien door de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
Hoofdstuk 5. Bemiddelingsprocedure en gemeenschapsdienst
Artikel 68
De bemiddelingsprocedure zoals bedoeld in de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties wordt ingevoerd.
Artikel 69
Overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties kan de sanctionerend ambtenaar een aanbod van lokale bemiddeling voorstellen, zijnde een maatregel die het voor de overtreder mogelijk maakt om, door tussenkomst van een bemiddelaar, de veroorzaakte schade te herstellen of schadeloos te stellen of om het conflict te doen bedaren.
Artikel 70
De lokale bemiddeling wordt gevoerd door een bemiddelaar die beantwoordt aan de minimale voorwaarden die door de Koning worden bepaald, hierna genoemd de bemiddelaar, of door een gespecialiseerde en de door gemeente erkende bemiddelingsdienst, overeenkomstig de door de Koning bepaalde voorwaarden en nadere regels. De procedure en de nadere regels van deze lokale bemiddeling zijn als volgt:
Artikel 71
Het staat de bemiddelaar vrij alle vereiste maatregelen te nemen en contacten te leggen ten einde de opgestarte bemiddelingsprocedure tot een goed einde te brengen.
Artikel 72
In geval van een geslaagde bemiddelingsprocedure wordt er geen administratieve geldboete meer opgelegd.
Artikel 73
Bovenstaande bemiddelingsprocedure is verplicht te volgen bij de administratieve sanctionering van alle inbreuken begaan door minderjarigen die de leeftijd van 16 jaar bereikt hebben op het ogenblik van het plegen van de feiten en is facultatief voor meerderjarigen.
Artikel 74
§1. Overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties kan de sanctionerend ambtenaar een gemeenschapsdienst voorstellen.
§2. De sanctionerend ambtenaar kan in geval van een minderjarige beslissen de keuze en de nadere regels van de gemeenschapsdienst toe te vertrouwen aan een bemiddelaar of een bemiddelingsdienst. Voor de meerderjarigen wordt de gemeenschapsdienst omkaderd door een door de gemeente erkende dienst of door een rechtspersoon die door de gemeente wordt aangewezen.
§3. De gemeenschapsdienst mag ten aanzien van de meerderjarige niet meer bedragen dan 30 uur en ten aanzien van de minderjarige niet meer bedragen dan 15 uur en dient uitgevoerd te worden binnen de termijn van 6 maanden vanaf de datum van kennisgeving van de beslissing van de sanctionerend ambtenaar.
Hoofdstuk 6. Overtreder, openbare orde en retributiereglement
Artikel 75
Wie de bepalingen opgenomen in dit besluit overtreedt en hiermee de openbare orde in het gedrang brengt, zal dit onmiddellijk in orde dienen te brengen. Zo niet houdt de gemeente zich het recht voor het te doen op kosten en risico van de overtreder.
Titel 9 Opheffingsbepalingen
Artikel 76
Elke bepaling in vorig gemeentelijk politiereglement die strijdig is met deze verordening, wordt opgeheven.
Onderhavige beslissing zal worden bekendgemaakt overeenkomstig het gemeentedecreet.
Afschrift van deze verordening wordt overgemaakt aan:
Met het schrijven van 26 november 2020 van de vzw WoonZORG Wuustwezel wordt gemeld dat de algemene vergadering plaats vindt op 15 december 2020.
De gemeenteraad bepaalt het mandaat van de aangeduide raadsleden in de algemene vergadering van 15 december 2020.
Met het schrijven van 26 november 2020 werd volgende agenda voor de algemene vergadering van 15 december 2020 voorgesteld:
Decreet lokaal bestuur.
Besluit van de gemeenteraad van 21 december 2017 tot deelname aan de vzw WoonZORG Wuustwezel.
Statuten van vzw WoonZORG Wuustwezel.
Gemeente Wuustwezel is lid van vzw WoonZORG Wuustwezel. De regelgeving inzake verenigingen van maatschappelijk welzijn is van toepassing. Dit betekent dat de raadsleden steeds handelen volgens de instructies van de gemeenteraad.
De gemeenteraad neemt kennis van de volledige dagorde van de algemene vergadering van de vzw WoonZORG Wuustwezel die zal gehouden worden via Microsoft Teams op dinsdag 15 december 2020 om 16.30 uur evenals van alle daarbij horende documenten en neemt op basis hiervan volgende beslissingen:
De vertegenwoordiger van de gemeente, mevr. Katrin Kempenaers, die met een afzonderlijk besluit van 28 januari 2019, werd benoemd, wordt gemandateerd om op de algemene vergadering van de vzw WoonZORG van 15 december 2020 deel te nemen aan de bespreking over de in artikel 1 vermelde agendapunten en te beraadslagen en te beslissen overeenkomstig dit besluit en verder al het nodige te doen om de volledige agenda af te werken.
Er zijn geen opmerkingen op de voorliggende documenten zodat er aan onze afgevaardigde het mandaat kan gegeven worden om deze goed te keuren op de jaarvergadering.
Decreet lokaal bestuur.
Statuten van Cipal.
De gemeente is deelnemer van de dienstverlenende vereniging Cipal.
Op 10 december 2020 om 16.00 uur organiseert Cipal een algemene vergadering. Deze algemene vergadering zal digitaal georganiseerd worden omwille van de COVID-19-pandemie.
De agenda van deze algemene vergadering is als volgt:
Met de e-mail van Cipal d.d. 27 oktober 2020 werd de gemeente Wuustwezel opgeroepen om deel te nemen aan deze algemene vergadering. Het dossier met documentatiestukken werd online ter beschikking gesteld aan de gemeente.
De gemeenteraad heeft in zitting van 25 februari 2019 volgende aanduiding gedaan voor de huidige legislatuur:
Op basis van de bekomen documenten en de toelichtende nota worden de agendapunten van de algemene vergadering van Cipal van 10 december 2020, zoals overgemaakt per e-mail d.d. 27 oktober 2020 goedgekeurd, zijnde:
De vertegenwoordiger van de gemeente, zijnde dhr. Kris Van Looveren, schepen, of zijn plaatsvervanger, zijnde dhr. Dieter Wouters, burgemeester, wordt gemandateerd om op de Algemene Vergadering van Cipal van 10 december 2020 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien deze Algemene Vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze Algemene Vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van onderhavig besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Cipal.
Decreet lokaal bestuur.
Statuten van IGEAN dienstverlening.
Algemeen
Met het K.B. van 3 januari 1969 werd overgegaan tot de oprichting van de coöperatieve vennootschap Intercommunale Grondbeleid en Expansie Antwerpen, verder IGEAN cv genoemd, gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad op 8 juli 1969.
Op de buitengewone algemene vergadering van 8 november 2003 werd IGEAN cv omgevormd tot een dienstverlenende vereniging IGEAN dienstverlening, gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad op 19 december 2003.
Met de beslissing van de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken van 1 april 2004 werden de wijzigingen van de statuten en de omvorming van IGEAN cv in een dienstverlenende vereniging goedgekeurd.
Op de buitengewone algemene vergadering van 15 juni 2007 werd de statutenwijziging van IGEAN dienstverlening goedgekeurd en gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad op 13 augustus 2007 onder nr. 07120366.
Op de buitengewone algemene vergadering van 18 december 2013 werd de statutenwijziging van IGEAN dienstverlening goedgekeurd. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 10 april 2014 van de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse rand.
Op de buitengewone algemene vergadering van 17 juni 2016 werd de statutenwijziging en verlenging van IGEAN dienstverlening tot 21 juni 2034 goedgekeurd. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 3 oktober 2016 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding.
Op de buitengewone algemene vergadering van 19 december 2018 werd de statutenwijziging van IGEAN dienstverlening goedgekeurd, rekening houdend met het nieuwe decreet lokaal bestuur. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 19 maart 2019 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding.
Op de algemene vergadering van 28 juni 2019 werd de statutenwijziging van IGEAN dienstverlening goedgekeurd, rekening houdend met het nieuwe decreet lokaal bestuur. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 23 oktober 2019 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Inburgering en Gelijke Kansen.
Op de jaarvergadering van 19 juni 2020 werd de statutenwijziging van IGEAN dienstverlening goedgekeurd, in het kader van de oprichting van een zelfstandige groepering.
De gemeente is lid bij IGEAN dienstverlening.
Buitengewone algemene vergadering
Artikel 432 van het decreet lokaal bestuur en artikel 35 van de statuten van IGEAN dienstverlening bepalen dat er afgezien van de jaarvergadering nog minstens één buitengewone algemene vergadering moet worden georganiseerd in de loop van het laatste trimester van elk jaar. Op deze buitengewone algemene vergadering worden de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor het volgende boekjaar besproken, alsook wordt een door de raad van bestuur opgestelde begroting voorgelegd.
Besluitvorming
De raad van bestuur van 21 oktober 2020 heeft beslist om de buitengewone algemene vergadering digitaal te organiseren op woensdag 16 december 2020 om 19.00 uur met volgende dagorde:
In diezelfde zitting heeft de raad van bestuur haar goedkeuring gehecht aan de bijhorende documenten.
Met het schrijven van IGEAN dienstverlening van 26 oktober 2020 werd de uitnodiging en de dagorde voor de buitengewone algemene vergadering van 16 december 2020 aan alle deelnemers bezorgd.
Volgende documenten werden op dat ogenblik via het infonet ter beschikking gesteld van de deelnemers:
De gemeenteraad heeft met een afzonderlijk besluit, genomen in de gemeenteraadszitting d.d. 25 februari 2019 en 28 september 2020, de vertegenwoordiger van de gemeente voor de algemene vergadering van IGEAN dienstverlening, zijnde dhr. Jan Cools, raadslid, en zijn plaatsvervanger, zijnde dhr. Sus Vissers, schepen, reeds aangeduid. Artikel 432 van het decreet en artikel 33§1 van de statuten bepalen dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering.
Met onderstaande beslissing wordt aan deze vertegenwoordiger een mandaat gegeven.
De gemeenteraad neemt kennis van de volledige dagorde van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN dienstverlening die digitaal zal georganiseerd worden op woensdag 16 december 2020 om 19.00 uur evenals van alle daarbij horende documenten en neemt op basis hiervan volgende beslissingen:
De vertegenwoordiger van de gemeente, zijnde dhr. Jan Cools, raadslid, of zijn plaatsvervanger, zijnde dhr. Sus Vissers, schepen, die met een afzonderlijk besluit d.d. 25 februari 2019 en 28 september 2020, werden benoemd, wordt gemandateerd om op de buitengewone algemene vergadering van IGEAN dienstverlening van 16 december 2020 deel te nemen aan de bespreking over de in artikel 1 vermelde agendapunten en te beraadslagen en te beslissen overeenkomstig dit besluit en verder al het nodige te doen om de volledige agenda af te werken.
Twee uittreksels van onderhavige gemeenteraadsbeslissing zullen aan IGEAN dienstverlening worden bezorgd.
Decreet lokaal bestuur.
Statuten van IGEAN milieu & veiligheid.
Algemeen
Op de buitengewone algemene vergadering van IGEAN cv van 8 november 2003 werd de oprichtingsakte van de opdrachthoudende vereniging IGEAN milieu & veiligheid verleden.
Op 19 december 2003 verscheen de publicatie van de oprichtingsakte en de statuten van IGEAN milieu & veiligheid in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad.
Met de beslissing van de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken van 1 april 2004 werd de oprichting en de statuten van IGEAN milieu & veiligheid goedgekeurd.
Op de buitengewone algemene vergadering van 15 juni 2007 werd de statutenwijziging van IGEAN milieu & veiligheid goedgekeurd en gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad op 13 augustus 2007 onder nr. 07120366.
Op de buitengewone algemene vergadering van 18 december 2013 werd de statutenwijziging van IGEAN milieu & veiligheid goedgekeurd. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 10 april 2014 van de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse rand.
Op de buitengewone algemene vergadering van 17 juni 2016 werd de statutenwijziging en verlenging van IGEAN milieu & veiligheid tot 21 juni 2034 goedgekeurd. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 3 oktober 2016 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding.
Op de buitengewone algemene vergadering van 19 december 2018 werd de statutenwijziging van IGEAN milieu & veiligheid goedgekeurd, rekening houdend met het nieuwe decreet lokaal bestuur. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 27 maart 2019 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding.
Op de algemene vergadering van 28 juni 2019 werd de statutenwijziging van IGEAN milieu & veiligheid goedgekeurd, rekening houdend met het nieuwe decreet lokaal bestuur. Dit werd bevestigd bij het Ministerieel Besluit van 17 oktober 2019 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Inburgering en Gelijke Kansen.
De gemeente is lid bij IGEAN milieu & veiligheid.
Buitengewone algemene vergadering
Artikel 432 van het decreet lokaal bestuur en artikel 36 van de statuten van IGEAN milieu & veiligheid bepalen dat er afgezien van de jaarvergadering nog minstens één buitengewone algemene vergadering moet worden georganiseerd in de loop van het laatste trimester van elk jaar. Op deze buitengewone algemene vergadering worden de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor het volgende boekjaar besproken, alsook wordt een door de raad van bestuur opgestelde begroting voorgelegd.
Besluitvorming
De raad van bestuur van 21 oktober 2020 heeft beslist om de buitengewone algemene vergadering digitaal te organiseren op woensdag 16 december 2020 om 19.00 uur met volgende dagorde:
In diezelfde zitting heeft de raad van bestuur haar goedkeuring gehecht aan de bijhorende documenten.
Met het schrijven van IGEAN milieu & veiligheid van 26 oktober 2020 werd de uitnodiging en de dagorde voor de buitengewone algemene vergadering van 16 december 2020 aan alle deelnemers bezorgd.
Volgende documenten werden op dat ogenblik via het infonet ter beschikking gesteld van de deelnemers:
De gemeenteraad heeft met een afzonderlijk besluit, genomen in de gemeenteraadszitting d.d. 25 februari 2019 en 28 september 2020, de vertegenwoordiger van de gemeente voor de algemene vergadering van IGEAN milieu & veiligheid, zijnde dhr. Jan Cools, raadslid, en zijn plaatsvervanger, zijnde dhr. Sus Vissers, schepen, reeds aangeduid. Artikel 432 van het decreet en artikel 33§1 van de statuten bepalen dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering.
Met onderstaande beslissing wordt aan deze vertegenwoordiger een mandaat gegeven.
De gemeenteraad neemt kennis van de volledige dagorde van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN milieu & veiligheid die digitaal zal georganiseerd worden op woensdag 16 december 2020 om 19.00 uur evenals van alle daarbij horende documenten en neemt op basis hiervan volgende beslissingen:
De vertegenwoordiger van de gemeente, zijnde dhr. Jan Cools, raadslid, of zijn plaatsvervanger, zijnde dhr. Sus Vissers, schepen, die met een afzonderlijk besluit d.d. 25 februari 2019 en 28 september 2020, werden benoemd, wordt gemandateerd om op de buitengewone algemene vergadering van IGEAN milieu & veiligheid van 16 december 2020 deel te nemen aan de bespreking over de in artikel 1 vermelde agendapunten en te beraadslagen en te beslissen overeenkomstig dit besluit en verder al het nodige te doen om de volledige agenda af te werken.
Twee uittreksels van onderhavige gemeenteraadsbeslissing zullen aan IGEAN milieu & veiligheid worden bezorgd.
De voorgelegde documenten omvatten de verslaggeving omtrent de geplande activiteiten en de begroting voor 2021.
Decreet lokaal bestuur.
Statuten van Pidpa.
De gemeente is deelnemer aan de opdrachthoudende vereniging Pidpa.
Op vrijdag 18 december 2020 (reservedatum 21 december 2020) om 11.00 uur organiseert Pidpa een algemene vergadering op afstand omwille van de maatregelen die genomen werden ter voorkoming van de verspreiding van het coronavirus.
De agenda van deze algemene vergadering is als volgt:
Met de e-mail van Pidpa d.d. 23 oktober 2020 werden de agenda en bijlagen aan de deelnemers bezorgd:
Met de e-mail van Pidpa werden volgende bijlagen nog aan de deelnemers bezorgd:
De gemeenteraad heeft in zitting van 25 februari 2019 en 7 december 2020 volgende aanduiding gedaan voor de huidige legislatuur:
Akte te nemen van de strategieën en de te ontwikkelen activiteiten van Pidpa m.b.t. het boekjaar 2021.
Goedkeuring te verlenen aan de door de raad van bestuur van Pidpa voorgelegde begroting 2021 en het toelichtend verslag.
Goedkeuring te verlenen aan de toetreding van de gemeente Retie bij HidrIBA en de gemeente Westerlo bij HidroSan.
Goedkeuring te verlenen aan de benoemingen.
Als gemeentelijke vertegenwoordiger voor de algemene vergadering wordt aangewezen: de heer Roger Aernouts, raadslid, of zijn plaatsvervanger, Jan Cools, raadslid.
Aan de vertegenwoordiger wordt de opdracht gegeven om op de buitengewone algemene vergadering van 18 december 2020, overeenkomstig deze beslissing te stemmen alsook de benoemingen goed te keuren, evenals op elke andere algemene vergadering die wordt samengeroepen ter behandeling van de agendapunten van deze vergadering.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en zal onverwijld een afschrift van deze beslissing bezorgen aan Pidpa, Desguinlei 246 te 2018 Antwerpen.
Zoals bepaald in artikel 432, alinea 3 van het decreet lokaal bestuur dient de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
De gemeenteraad heeft in zitting van 25 februari 2019 en 28 september 2020 volgende aanduiding gedaan voor de huidige legislatuur:
Decreet lokaal bestuur.
Statuten van IKA.
De gemeente is deelnemer van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘de Investeringsvereniging voor de gemeenten van de Kempen en het Antwerpse’, afgekort tot IKA.
Op 18 december 2020 om 18.00 uur organiseert IKA een algemene vergadering op digitale wijze.
De agenda van deze algemene vergadering is als volgt:
Met het aangetekend schrijven d.d. 27 oktober 2020 werd het dossier met de documentatiestukken overgemaakt aan de gemeente.
Met het aangetekend schrijven d.d. 30 oktober 2020 werd gemeld dat de buitengewone algemene vergadering op digitale wijze zal plaats vinden.
Na onderzoek van de documenten die bij de oproeping zijn gevoegd, goedkeuring te hechten aan de dagorde en de afzonderlijke punten van de dagorde van de algemene vergadering van IKA die zal gehouden worden op vrijdag 18 december 2020 op digitale wijze:
Zijn akkoord te verlenen over elk van de voorliggende agendapunten. Dit geeft het standpunt van de gemeente weer, en dient in geval van een schriftelijke algemene vergadering als een bindend akkoord te worden beschouwd en dat opgenomen zal worden in een overzichtslijst 'houdende ontvangen inhoudelijke goedkeuringen van de deelnemers' die gevoegd zal worden bij de notulen van bovenvermelde algemene vergadering en waarbij de individuele gemeenteraadsbeslissingen via het digitaal loket zullen overgemaakt worden aan de toezichthoudende overheid.
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde besluiten en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan het secretariaat van intergemeentelijk samenwerkingsverband IKA, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e-mailadres lieven.ex@fluvius.be.
De voorliggende aanstellingsprocedure handelt over de vacantverklaring en de hierbijhorende beslissingen, de bekendmaking, de organisatie van de selectieproef, het aanleggen van een werfreserve en uiteindelijk de aanstelling.
Deze procedure verloopt grotendeels gelijklopend met deze van het gemeentepersoneel: de raad bepaalt de krijtlijnen waarbinnen het college effectief kan openverklaren en aanstellen.
De procedure werd gunstig geadviseerd door het vakbondsoverleg.
Wet van 29 mei 1959 en aanvullingen, tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving (Schoolpactwet);
Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, en latere wijzigingen.
Decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 17 juni 1997 betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs.
Besluit van de Vlaamse Regering van 25 juni 2004 tot vaststelling en indeling van de ambten in de instellingen van het gewoon basisonderwijs, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering d.d. 27 juni 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, en de bezoldigingsregeling in het gewoon basisonderwijs, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1992 betreffende de verdeling van betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie, de wedertewerkstelling en de toekenning van een wachtgeld of wachtgeldtoelage, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse regering van 25 januari 1995 betreffende de mededeling van de vaste benoeming aan het departement Onderwijs, en latere wijzigingen.
Ministeriële omzendbrief van 29 november 1999 betreffende de vaste benoeming – procedure, voorwaarden en mededeling aan het departement onderwijs.
Wet van 12 juli 1963 houdende taalregeling in het onderwijs.
Decreet Lokaal Bestuur.
De gemeenteraad heeft in zitting van 24 maart 2005 goedkeuring verleend aan de aanstellingsprocedure en taak- en profielomschrijving van het ambt van directeur basisonderwijs voor de gemeentelijke lagere scholen.
Ondertussen is de regelgeving aangepast waarbij het college van burgemeester en schepenen zich moet uitspreken over de taak- en profielomschrijving; aan de gemeenteraad komt het toe zich uit te spreken over de aanstellingsprocedure.
De directeur van GLS De Wissel zal op pensioen gaan vanaf 1 november 2021 zodat voornoemde documenten herschreven werden en dit op basis van de regelgeving en de Aanstellingsbrochure zoals opgesteld door OVSG (Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten).
De taak- en profielomschrijving werd goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 9 november 2020.
De voorliggende aanstellingsprocedure werd gunstig geadviseerd door het ABOC in zitting van 26 oktober 2020 en ligt nu ter goedkeuring van de gemeenteraad.
De hierbijgevoegde aanstellingsprocedure voor directeur basisonderwijs voor het gemeentelijk onderwijs goed te keuren.
AANPASSING ORGANOGRAM (deel 1 en deel 2)
Vanuit het management team werd gunstig advies gegeven om volgende functie te voorzien in het organogram: diensthoofd personeel en HRM-beleid 1,0 contractueel A1a - A1b - A2a en dit om volgende redenen:
UPDATE ORGANOGRAM (deel 7)
Het aantal VTE voor het WZC werd geactualiseerd: er is immers een verloop van de statutairen ingevolge pensionering, vrijwillig vertrek, ...
Deze wijzigingen werden gunstig geadviseerd door het Hoog Overlegcomité (HOC) op 9 november 2020.
Decreet lokaal bestuur;
Geïntegreerd organogram lokaal bestuur Wuustwezel;
In de zitting van 17 februari 2020 werden de laatste wijzingen omtrent het geïntegreerd organogram goedgekeurd door de Gemeenteraad en de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.
De voorgestelde wijziging aan het organogram van lokaal bestuur Wuustwezel wordt goedgekeurd vanaf 1 januari 2021.
Dit voorstel werd gunstig geadviseerd door het Hoog Overlegcomité (HOC) op 9 november 2020.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 196 §1.
Besluit van de Vlaamse Regering van 20 mei 2011, artikel 16 t.e.m. 20.
Goedkeuring wordt verleend aan de voorgestelde wijzigingen in de rechtspositieregeling, hoofdstuk lll: artikel 31bis wordt toegevoegd, artikel 33 en 34 worden aangepast.
Bijlage 16: persoonlijke beschermingsmiddelen
Wettelijk dient het bestuur de vereiste middelen te voorzien (PBM) om de taak veilig uit te voeren. Soms volstaan de standaard beschermingsmiddelen niet en dient er voorzien te worden in beschermingsmiddelen afgestemd op de persoon. Dit reglement bepaalt de geldelijke tussenkomst bij aankoop van deze persoonlijke beschermingsmiddelen.
Bijlage 17: occasioneel thuiswerk
Aangezien telewerk / thuiswerk niet wettelijk geregeld is voor ons lokaal bestuur en we thuiswerk ook post Corona willen opnemen in ons HR beleid, dringt een reglement zich op. Reglement 17 (reglement occasioneel thuiswerk) zal dan ook toegevoegd worden aan het AR. Dit reglement schept een duidelijk kader en geeft de modaliteiten, rechten en plichten weer. Alle diensthoofden (incl. MAT) hebben hiervoor hun input en bedenkingen kunnen geven. Er werd ook rekening gehouden met het resultaat van de bevraging aan onze administratieve medewerkers betreffende telewerk / thuiswerk (mei 2020) waarbij 76% van de bevraagde medewerkers ‘hoopt’ in de toekomst (meer) te kunnen thuiswerken en 60% van de bevraagde medewerkers ‘verwacht’ dat thuiswerk in de toekomst (structureel) mogelijk wordt.
Deze voorstellen werden gunstig geadviseerd door het Hoog Overlegcomité (HOC) op 9 november 2020.
Bijlage 16: persoonlijke beschermingsmiddelen
De praktijk vroeg om de toevoeging van een extra bijlage met betrekking tot de tussenkomst bij aankoop van persoonlijke beschermingsmiddelen.
Bijlage 17: occasioneel thuiswerk
Om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, werd er gedurende de 1e lockdown door de federale overheid voorgesteld om maximaal van thuis uit te werken. Ook nu, bij heropflakkering wordt er opnieuw meer van thuis uit gewerkt. Hiertoe werd een interne nota op 19 maart 2020 opgemaakt met een aantal concrete richtlijnen omtrent thuiswerken (rekening houdend met de hoogdringendheid op dat moment).
Goedkeuring te verlenen aan de toevoeging van bijlage 16 (geldelijke tussenkomst bij aankoop persoonlijke beschermingsmiddelen) aan het AR.
Goedkeuring te verlenen aan de toevoeging van bijlage 17 (reglement occasioneel thuiswerk) aan het AR.
Gelet op de nieuwe gemeentewet van 24 juni 1988;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk Besluit van 16 maart 1968;
Gelet op het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;
Gelet op het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald;
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens;
Gelet op de omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009;
Overwegende dat de te reglementeren wegen behoren tot de gemeentewegen ;
Overwegende dat nu aan de gemeenteraad gevraagd wordt om dit aanvullend politiereglement goed te keuren;
Een bewoner van het Sint-Jozefsplein stelde de vraag of er een mindervalideparkeerplaats voorzien kon worden op het Sint-Jozefsplein. Aangezien er in deze buurt nog geen mindervalideparkeerplaats is, leek het een logische keuze om er hier wel één te voorzien.
Het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen die gebruikt worden door mindervaliden, op de aangelegde parkeerplaats : Sint Jozefsplein 11, 2990 Wuustwezel.
Het verkeersbord E9a met pictogram (personen met een handicap) wordt aangebracht.
Dit reglement zal kenbaar gemaakt worden op de gemeentelijke website op 11 december 2020.
Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan de afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveiligheid.
Een afschrift van dit aanvullend reglement wordt overgemaakt aan:
Inwoners met bepaalde medische of therapeutische noden hebben, buiten hun wil om, extra restafval en de kosten voor de inzameling stijgen.
De gemeente wenst een sociaal beleid te voeren waarbij er voorzien wordt in een subsidie voor de inzameling van restafval in deze omstandigheden.
In het raadsbesluit van 2 december 2019 was voorzien om de sociale correctie te storten op de bankrekening. Er wordt voorgesteld om dit te storten op de voorschotrekening inzake huisvuilinzameling.
Bepaalde noden zijn van een langdurige aard. Vandaar de vraag vanuit de inwoners (en de gemeentelijke diensten) om niet jaarlijks een attest te moeten voorleggen als de reden voor het attest langer dan één jaar duurt. Er wordt dan ook voorgesteld om op het attest te laten invullen tot wanneer de nood zich voordoet (vb. 3 jaar, onbepaald, …).
Decreet Lokaal Bestuur.
Omzendbrief Vlaamse regering KA/ABB 2019/2.
Gemeenteraadsbeslissing van 2 december 2019 houdende de goedkeuring van de retributies voor de selectieve inzameling en verwerking van huisvuil en gft met diftar en voor de selectieve inzameling van PMD.
De gemeenteraad heeft in zitting van 2 december 2019 de subsidie tot het toekennen van sociale correcties bij de inzameling van restafval goedgekeurd.
Met ingang van 1 januari 2021 wordt onder bepaalde voorwaarden aan volgende inwoners een bedrag van 75,00 euro overgeschreven op hun voorschotrekening. Deze sociale correctie wordt dan gebruikt voor de betaling van de inzameling van restafval.
Inwoners met bepaalde medische of therapeutische noden:
De sociale correctie wordt jaarlijks toegekend aan inwoners die omwille van een medische of therapeutische reden grote hoeveelheden verbanden en verzorgingsmateriaal nodig hebben (bijvoorbeeld bij incontinentie, chronische wondverzorging, sondevoeding, nierdialyse en dergelijke).
Dit wordt bewezen aan de hand van een medisch attest uitgeschreven in het jaar van de eerste aanvraag vanaf 1 januari 2021. Uit dit attest blijkt dat het gaat om een langdurige behandeling van langer dan drie maanden en op dit attest staat de duurtijd vermeld.
Palliatieve zorg:
De sociale correctie wordt ook toegekend aan inwoners die thuis palliatief verzorgd worden. Dit wordt aangetoond met een attest van een erkend netwerk voor palliatieve zorg en dit attest is uitgeschreven in het jaar van de eerste aanvraag vanaf 1 januari 2021. Op dit attest staat de duurtijd vermeld.
De subsidie wordt op basis van het indienen van het aangifteformulier aan de betrokken persoon overgeschreven. Dit aangifteformulier moet ten laatste op 31 december van het betreffende jaar worden ingediend.
Dit reglement vervangt het reglement van 2 december 2019.
Afschrift van dit besluit wordt voor verder gevolg overgemaakt aan de bevoegde instanties.
Het perceel is gelegen binnen een dd. 22 september 2011 door de provincieraad van Antwerpen goedgekeurd provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan “Clusters weekendverblijven C3, C4 en C5”. (B.S. 07/02/2012). Het perceel is volgens het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan gelegen in een specifiek woongebied met bosrijk karakter.
Voor de realisatie van de wegen werd een ontwerp-BPA (Bijzonder Plan van Aanleg) opgemaakt met aanduiding van de wegen.
Voor Eekhoorndreef 10 is er nog een grondafstand te doen van het gedeelte gelegen binnen de zate van de weg (Eekhoorndreef).
Decreet lokaal bestuur.
Om reden van openbaar nut wordt een grondafstand uitgevoerd voor het perceel gelegen Eekhoorndreef 10, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 79 A 6.
Er werd een opmetingsplan opgesteld d.d. 8 september 2020, door landmeter Jan Van Santvliet, Nieuwmoerse Steenweg 48, 2990 Wuustwezel, met aanduiding van de bewuste zone, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 79 A 6/deel, waaruit blijkt dat het perceel in te nemen grond 53,00 m² groot is.
Er werd een ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ opgemaakt door notariaat Emmanuel Van Roosbroeck, Bredabaan 840, 2170 Antwerpen, voor het perceel gelegen aan de Eekhoorndreef 10.
Goedkeuring wordt verleend aan de ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ zoals opgemaakt door notariaat Emmanuel Van Roosbroeck, Bredabaan 840, 2170 Antwerpen voor het perceel gelegen aan de Eekhoorndreef 10.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de akte van grondafstand namens het gemeentebestuur te ondertekenen.
Het perceel is gelegen binnen een dd. 22 september 2011 door de provincieraad van Antwerpen goedgekeurd provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan “Clusters weekendverblijven C6”. (B.S. 07/02/2012). Het perceel is volgens het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan gelegen in een landschappelijk waardevol agrarisch gebied.
Voor Hazendreef 18 is er nog een grondafstand te doen van het gedeelte gelegen binnen de zate van de weg (Hazendreef).
Decreet lokaal bestuur.
Om reden van openbaar nut wordt een grondafstand uitgevoerd voor het perceel gelegen Hazendreef 18, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 72 T.
Er werd een opmetingsplan opgesteld d.d. 6 oktober 2020, door landmeter-expert Stef Neefs, Kerkblokstraat 11, 2990 Wuustwezel, met aanduiding van de bewuste zone, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 72 T/Deel, waaruit blijkt dat het perceel in te nemen grond 128,00 m² groot is.
Er werd een ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ opgemaakt door notariaat Xavier Desmet, Louizastraat 39, 2000 Antwerpen, voor het perceel gelegen aan de Hazendreef 18.
Goedkeuring wordt verleend aan de ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ zoals opgemaakt door notariaat Xavier Desmet, Louizastraat 39, 2000 Antwerpen voor het perceel gelegen aan de Hazendreef 18.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de akte van grondafstand namens het gemeentebestuur te ondertekenen.
Betrokken grondafstanden vloeien voort uit eerdere opgelegde voorwaarden in de aan Westhoek NV d.d. 2 januari 2012 verleende verkavelingsvergunning (Tienpondstraat ZN).
Gelet op de voorwaarden van voornoemde verkavelingsvergunning: "De bedding van de volledig uitgeruste weg met riolering, alsook de zones voor openbaar groen, worden gratis aan de gemeente afgestaan na de definitieve aanvaarding van de uitgevoerde werken".
Decreet lokaal bestuur.
Verkavelingsvergunning van 2 januari 2012.
Om reden van openbaar nut wordt een grondafstand uitgevoerd voor de percelen gelegen langs de verkaveling De Stroobloem, kadastraal gekend 3e afd., sectie E, nr. 641 A 6 – 641 T 5 – 643 F 2 – 643 H 2.
Er werd een opmetingsplan opgesteld d.d. 3 maart 2020, door landmeter Bart Palmers, Starrenhoflaan 44/19, 2950 Kapellen, met aanduiding van de bewuste zone, kadastraal gekend 3e afd., sectie E, nr. 641 A 6 – 641 T 5 – 643 F 2 – 643 H 2, waaruit blijkt dat de percelen in te nemen grond respectievelijk 4.248,86 m² en 381,34 m² groot zijn.
Er werd een ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ opgemaakt door notariaat Tom en Jan Coppens, Cingel 14, 2350 Vosselaar, voor de percelen gelegen langs de verkaveling De Stroobloem.
Goedkeuring wordt verleend aan de ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ zoals opgemaakt door notariaat Tom en Jan Coppens, Cingel 14, 2350 Vosselaar, voor de percelen gelegen langs de verkaveling De Stroobloem.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de akte van grondafstand namens het gemeentebestuur te ondertekenen.
Betrokken grondafstand vloeit voort uit eerdere opgelegde voorwaarden in de aan Jan Saveyn en Maria De Graef d.d. 23 maart 2020 verleende verkavelingsvergunning voor het rooien van bomen en het verkavelen van een perceel grond in 3 loten voor vrijstaande ééngezinswoningen en 4 loten voor gekoppelde ééngezinswoningen langs Bredabaan, Steenbakkerijstraat en Dreef.
Gelet op de voorwaarden van voornoemde verkavelingsvergunning: "De grondafstand, zoals opgemeten en ingetekend op het verkavelingsplan, dient nog te worden goedgekeurd door de gemeenteraad en daarna effectief te gebeuren bij notariële akte."
Decreet lokaal bestuur.
Verkavelingsvergunning van 23 maart 2020.
Om reden van openbaar nut wordt een grondafstand uitgevoerd voor het perceel gelegen langs Dreef/Steenbakkerijstraat, kadastraal gekend 2e afd., sectie G, nr. 452 H.
Er werd een opmetingsplan opgesteld d.d. 25 november 2019, door landmeter-expert Stef Neefs, Kerkblokstraat 11, 2990 Wuustwezel, met aanduiding van de bewuste zone, kadastraal gekend 2e afd., sectie G, nr. 452 H/Deel, waaruit blijkt dat het perceel in te nemen grond 6,00 m² groot is.
Er werd een ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ opgemaakt door notariaat Guy Danckaert, Vaartstraat 90/2, 2350 Kalken, voor het perceel gelegen langs de verkaveling Dreef/Steenbakkerijstraat.
Goedkeuring wordt verleend aan de ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ zoals opgemaakt door notariaat Guy Danckaert, Vaartstraat 90/2, 9270 Kalken, voor het perceel gelegen langs de verkaveling Dreef/Steenbakkerijstraat.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de akte van grondafstand namens het gemeentebestuur te ondertekenen.
Het perceel is gelegen binnen een dd. 22 september 2011 door de provincieraad van Antwerpen goedgekeurd provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan “Clusters weekendverblijven C6”. (B.S. 07/02/2012). Het perceel is volgens het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan gelegen in een landschappelijk waardevol agrarisch gebied.
Voor Cassiedreef ZN is er nog een grondafstand te doen van het gedeelte gelegen binnen de zate van de weg (Cassiedreef).
Decreet lokaal bestuur.
Om reden van openbaar nut wordt een grondafstand uitgevoerd voor het perceel gelegen Cassiedreef ZN, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 67 G.
Er werd een opmetingsplan opgesteld d.d. 3 oktober 2020, door landmeter-expert Frederik Vermeiren, Bredabaan 1231, 2930 Brasschaat, met aanduiding van de bewuste zone, kadastraal gekend 2e afd., sectie F, nr. 67 G/Deel, waaruit blijkt dat het perceel in te nemen grond 119,78 m² groot is.
Er werd een ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ opgemaakt door notariaat Philippe Aerts, Spijker 2, 2910 Essen, voor het perceel gelegen aan de Cassiedreef ZN.
Goedkeuring wordt verleend aan de ontwerpakte ‘Kosteloze Grondafstand’ zoals opgemaakt door notariaat Philippe Aerts, Spijker 2, 2910 Essen voor het perceel gelegen aan de Cassiedreef ZN.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de akte van grondafstand namens het gemeentebestuur te ondertekenen.
Gelet op het ontwerp RUP 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics' zoals opgemaakt door het studiebureau NQN51 i.s.m. CDRO omvattende:
Gelet op de startnota, de scopingsnota en de procesnota zoals deze (in geëvolueerde vorm) terug te vinden zijn op het digitale platform en de website van de gemeente Wuustwezel.
Gelet op het verslag van het participatiemoment dd. 25 oktober 2018 en de publieke raadpleging die plaatsvond van 17 oktober 2018 tot en met 14 december 2018.
Gelet op het besluit van de dienst MER van 21 maart 2019 inzake de opmaak van een plan-Mer.
Gelet op het verslag van de plenaire vergadering van 29 augustus 2019 omtrent het voorontwerp van gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan en de in het kader hiervan uitgebrachte mondelinge en schriftelijke adviezen.
Gelet dat uit de adviezen van de provincie en het departement bleek dat er voornamelijk bezorgdheid en onduidelijkheid is aangaande de beheersing van de dynamiek van de bedrijvigheid. En dat er, zolang er te weinig garanties zijn dat de dynamiek van het bedrijventerrein niet toeneemt, het niet duidelijk is of het voorontwerp van RUP voldoende verenigbaar is met het GRS.
Gelet op het afwegingskader voor zonevreemde bedrijven en bedrijven met een gelijkaardige problematiek, zoals opgenomen in het GRS van 12 april 2007 en de in de aangepaste toelichtingsnota gemaakte bijkomende afwegingen ten aanzien van dit afwegingskader.
Gelet op de aangescherpte stedenbouwkundige voorschriften met betrekking tot de randvoorwaarden voor ontwikkeling van bedrijvigheid op de site.
Gelet op het aangepaste grafische plan.
Overwegende dat de inhoud van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics' derhalve voldoende in overeenstemming is met het richtinggevend en het bindend gedeelte van het GRS.
Overwegende dat het plan de randvoorwaarden voor de ontwikkeling van bedrijvigheid voldoende omschrijft gericht op het vermijden van een toename van de dynamiek ten aanzien van de huidige situatie.
Gelet op de verkaveling met kenmerk 146/044 dd. 23 oktober 1964 waarvan de loten 1,2,13 en 14 gelegen zijn binnen de plancontour.
Gelet dat het RUP voorziet in de gedeeltelijke opheffing van de verkaveling met kenmerk 146/044 dd. 23 oktober 1964 loten 1 en 2 en loten 13 en 14.
Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 29 juni 2020 houdende de voorlopige vaststelling van het ontwerp van gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics'.
Gelet op het openbaar onderzoek dat werd georganiseerd van 27 juli 2020 tot en met 25 september 2020; dat dit openbaar onderzoek werd aangekondigd door publicatie in het Belgisch Staatsblad en 3 verschillende dagbladen en een bericht op de website van het lokaal bestuur en in het gemeentelijk infoblad; dat 1 ontvankelijk advies werd ingediend en geen bezwaren; dat het departement Omgeving Vlaanderen liet weten geen advies uit te brengen.
Gelet op het advies van de GECORO van 27 oktober 2020 en in het bijzonder de ruimtelijke argumentatie die het advies aanvoert om het ontwerp van RUP aan te passen.
"Betreffende het advies van de provincie begrijpt de GECORO dit als volgt:
De GECORO neemt volgend standpunt in ten aanzien van dit advies:
De commissie is van oordeel dat de mogelijkheid om de zones voor buffergroen ook gedeeltelijk aan te wenden voor het opvangen en/of infiltreren van hemelwater eigenlijk niet aanvaardbaar is. De effectiviteit van de vooropgestelde groenbuffer zal hierdoor in de praktijk worden aangetast. De groenbuffers zijn er voor het aanplanten van een degelijke en kwalitatieve groenzone en voor een optimale landschappelijke inkadering van de bedrijfssite. In de voorschriften voor de 'zone voor bedrijvigheid' werd opgenomen dat 10% ervan sowieso niet verhard mag worden. Deze 10% kan eventueel aangewend worden voor groene wateropvang of infiltratie. Maar evenzeer zou deze opvang en of infiltratie moeten gebeuren binnen deze zone voor bedrijvigheid.
De commissie adviseert dan ook om, de mogelijkheid om in de zones voor buffergroen voorzieningen voor opvang en/of infiltratie van hemelwater onder te brengen, principieel te verbieden en dus te schrappen uit art 2. 'zone voor buffergroen'.
De gemeenteraad treedt dit standpunt bij.
Gelet dat de GECORO in haar advies aangaande het voorlopig vastgestelde RUP nog volgende opmerkingen heeft geformuleerd:
De GECORO besluit, in uitvoering van art. 3, punt 1 van haar eigen huishoudelijk reglement, middels een schrijven aan het CBS te strengste aan te bevelen om voorafgaand aan de definitieve vaststelling van het RUP, een overeenkomst af te sluiten met de eigenaar van de gronden (tevens bedrijfseigenaar) binnen het plangebied. Middels deze overeenkomst moet de grondeigenaar/bedrijfseigenaar afstand doen van zijn eventuele rechten op planschade. De GECORO vindt het daarentegen wel noodzakelijk dat de planbaten wel betaald worden door de grondeigenaar/bedrijfseigenaar gelet op de plankost voor de gemeenschap.
Aanvullend hieraan wordt ook aanbevolen om bij de afgifte van een omgevingsvergunning voor de afbraak van het gebouw Kampweg 178 (dat nu het rechttrekken van het fietspad verhindert) als last de kosteloze overdracht van de grond naar het openbaar domein op te nemen. Zodat nadien niet nog een onteigening noodzakelijk is.
Gelet op het schrijven van 28 oktober 2020 van de GECORO aan het college van burgemeester en schepenen aangaande voormelde aspecten.
De gemeenteraad neemt volgend standpunt in ten aanzien van de aanbeveling van de GECORO ten aanzien van het aspect planschade en - baten. De GECORO dringt er in feite op aan de definitieve vaststelling van het plan maar te laten geschieden indien, door de grondeigenaar, afstand wordt gedaan van de mogelijke rechten op planschade én op voorwaarde van een verbintenis van de grondeigenaar, om de mogelijke planbaten te betalen.
De planschade- en planbatenregeling zijn geregeld in de artikelen 2.6.1 tem 2.6.19 van de VCRO. De opmaak van het RUP kàn aanleiding geven tot het ontstaan van planschade. Het recht op planschadevergoeding ontstaat evenwel niet automatisch door de definitieve vaststelling van het RUP. De grondeigenaar dient immers een eventueel recht op planschade te bekomen via de rechtbank
Wat betreft de planbaten worden deze in principe rechtstreeks geïnd door de Vlaamse belastingsdienst. Evenwel gelden ook hier mogelijke vrijstellingen gezien de percelen die een bestemmingswijziging ondergaan, die aanleiding tot planbaten kan geven, reeds in gebruik zijn door een hoofdzakelijk vergund bedrijf.
De gemeenteraad is van oordeel dat de bepalingen van de VCRO - en de rechten en plichten die er voor de rechtsonderhorigen uit voortvloeien - dienen gerespecteerd te worden. De definitieve vaststelling van het RUP kan daarom principieel niet gekoppeld worden aan een overeenkomst om afstand te doen van eventuele rechten tot planschade of tot betaling van eventuele planbaten.
De gemeenteraad neemt volgend standpunt in ten aanzien van de aanbeveling van de GECORO ten aanzien van het aspect grondafstand voor het fietspad: In het RUP kan men geen lasten opleggen ten aanzien van de betrokken grondeigenaars. Het is evenwel mogelijk in het kader van de omgevingsvergunningen een dergelijke last op te leggen. Het afleveren van een omgevingsvergunning met hieraan eventueel een last tot grondafstand is een bevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen. De gemeenteraad acht het wel nuttig op haar beurt de aanbeveling te doen aan het college deze grondafstand in functie van de aanleg van het fietspad op te leggen in de later af te leveren omgevingsvergunning(en).
Waterparagraaf
Overwegende dat in toepassing van artikel 8 van het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 alle uitvoeringsplannen dienen te worden onderworpen aan een watertoets; Dat voor dit plan de watertoets werd onderzocht; Dat het plan verenigbaar is met het watersysteem en geen aanleiding geeft tot een nadelig of schadelijk effect op het watersysteem; Dat het plangebied immers niet gelegen is binnen een risicozone zoals een effectief overstromingsgevoelig gebied of mogelijk overstromingsgevoelig gebied; Dat in het uitvoeringsplan voorschriften zijn opgenomen die infiltratie van hemelwater in de bodem mogelijk maken. Bijvoorbeeld beperking van de maximaal verhardbare oppervlakte, differentiatie in materiaalgebruik, ruimte voor groenbuffers, enz.; Dat het plan hierdoor voldoende maatregelen bevat om de impact van de gebouwen en verhardingen op het watersysteem zoveel mogelijk te beperken zodat het plan voldoende verenigbaar is met het watersysteem en geen negatieve effecten heeft op de waterhuishouding; Dat bijkomende bebouwing en verharding dienen te voldoen aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten; Dat bij graafwerken de regelgeving rond grondverzet geldt; Dat hierdoor in alle redelijkheid kan worden geoordeeld dat het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics' verenigbaar is met het watersysteem en geen schadelijk effect op de waterhuishouding veroorzaakt; Dat gezien de afwezigheid van geklasseerde waterlopen geen effecten op de oppervlaktewaterkwaliteit of de structuurkwaliteit verwacht worden; Dat het RUP maatregelen voorziet om de waterhuishouding te optimaliseren; Dat het opgevangen hemelwater in eerste instantie nuttig moet worden hergebruikt en, indien dit kan, ter plaatse geïnfiltreerd of als laatste keuze gebufferd en vertraagd afgevoerd; Dat uitvoering van de planinhoud volgens de geldende regelgeving geen nadelige wijziging van de afstromingshoeveelheid inhoudt.
Overwegende dat het ontwerp-RUP 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics' in overeenstemming is met de geldende structuurplannen en de relevante regelgeving.
Overwegende dat, naar aanleiding van het advies van de bestendige deputatie en het advies van de GECORO, een wijziging werd aangebracht aan het voorlopig vastgesteld RUP 'zonevreemde bedrijven - deelplan Clics'; dat meer bepaald onder art. 2 van de stedenbouwkundige voorschriften (toelichting en verordenend voorschrift) de mogelijkheid werd geschrapt om in de zones voor buffergroen tevens inrichtingen onder te brengen dienstig voor waterbuffering en infiltratie omdat deze inrichtingen principieel dienen te worden ondergebracht in de zone voor bedrijvigheid zodat ze de kwaliteit van de zones voor buffergroen niet nadelig beïnvloeden.
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Gelet op op de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 20 augustus 2009, inzonderheid artikelen 2.2.18 tot en met 2.2.21 (en latere wijzigingen).
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 11 april 2008 tot vaststelling van de nadere regels met betrekking tot de vorm en inhoud van ruimtelijke uitvoeringsplannen.
Gelet op het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid van 5 april 1995 (met wijzigingen).
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 12 oktober 2007 betreffende de milieueffectenrapportage over plannen en programma's.
Gelet op het decreet tot wijziging van de regelgeving voor ruimtelijke uitvoeringsplannen teneinde de planmilieueffectrapportage en andere effectbeoordelingen in het planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen te integreren door wijziging van diverse decreten" van 1 juli 2016.
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2017 betreffende het geïntegreerd planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectenbeoordelingen,
Gelet op het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid.
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets.
Gelet op de bij het besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets in bijlage 1 opgenomen kaarten.
Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (GRS), goedgekeurd door de bestendige deputatie op 12 april 2007.
Op datum van 25 augustus 2015 werd door de gemeenteraad van Wuustwezel een positief planologisch attest afgeleverd aan VDC Auto & Truckservice en Clics BBM NV, Kampweg 178.
Op datum van 31 oktober 2016 werd In het kader van de opdracht ‘Opmaak RUP Zonevreemde bedrijven – deelplan Clics & VDC Trucking’ en in uitvoering van het bestek met nr. GGZ-RUP-201602 opdracht gegeven aan CDRO bvba, Winkelomseheide 233 bus 2, 2440 Geel tot opmaak van een RUP Zonevreemde bedrijven – deelplan Clics & VDC Trucking’.
Begin 2018 werd echter duidelijk dat het bedrijf VDC Trucking niet werkzaam blijft op de site waardoor de behoeften voor dit bedrijf, zoals aangegeven in het planologisch attest, komt te vervallen. Bovendien gaf het bedrijf Clics NV aan - omwille van een zeer sterke groei van het bedrijf - een veel grotere ruimtebehoefte te hebben dan in het planologisch attest werd aangegeven.
Om die reden werd medio 2018, in overleg met Clics nv, besloten de lopende procedure tot opmaak van een RUP 'Zonevreemde bedrijven – deelplan Clics & VDC Trucking’ tijdelijk stop te zetten.
Op basis van een actualisatie van de ruimtebehoefte van Clics nv werd in september 2018 gestart met een nieuwe procedure voor een aangepast RUP 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics'.
Gedurende de periode van 17 oktober 2018 tot en met 14 december 2018 werd - in het kader van de eerste raadpleging - de start- en procesnota voor dit aangepaste RUP ter inzage gelegd van de bevolking en voor advies voorgelegd aan de adviesinstanties.
De scopingsnota werd aangenomen door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 4 februari 2019.
In zitting van 17 juni 2019 keurde het college van burgemeester het voorontwerp van RUP goed.
Op datum van 22 augustus 2019 verleende de GECORO van Wuustwezel over het voorontwerp van RUP, in het kader van de advisering naar de plenaire vergadering, een voorwaardelijk gunstig advies.
Op 29 augustus 2019 werd over het voorontwerp van RUP een plenaire vergadering georganiseerd.
In zitting van 29 juni 2020 stelde de gemeenteraad het ontwerp van RUP voorlopig vast.
Gedurende de periode van 27 juli 2020 tot en met 25 september 2020 werd het ontwerp RUP onderworpen aan een openbaar onderzoek.
In zitting van 27 oktober 2020 heeft de GECORO een advies verleend aangaande de ontvangen adviezen (1) en bezwaren (geen) en aangaande het voorlopig vastgestelde RUP.
Het RUP zonevreemde bedrijven - deelplan Clics wordt definitief vastgesteld.
Het RUP 'Zonevreemde bedrijven - deelplan Clics' voorziet in de opheffing van de verkaveling met kenmerk 146/044 dd. 23 oktober 1964, gelegen binnen de plancontour, voor de loten 1, 2, 13 en 14.
Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de bevoegde diensten.
Op vraag van diverse raadsleden worden verschillende zaken besproken in het vragenkwartiertje.