De gemeenten uit het midden en noorden van de referentieregio Antwerpen formuleerden gezamenlijk een voorstel voor het werkingsgebied van de nieuwe woonmaatschappij. Dit voorstel is uitgewerkt na overleg met de betrokken lokale besturen, en voorgelegd aan de betrokken woonactoren (SHM’s en SVK’s) tijdens een overleg op 18 augustus 2021 en tijdens het bovenlokaal woonoverleg van 28 september 2021.
De afbakening houdt rekening met de morfologie van de gemeenten, de werking van de huidige woonactoren inclusief de spreiding van hun patrimonium en de goede samenwerking in de huidige intergemeentelijke samenwerkingen rond wonen. Ze wordt ook geschraagd door grote overeenkomsten in de verwachtingen van de gemeenten ten aanzien van de inhoudelijke werking van de woonmaatschappij.
Het voorgestelde werkingsgebied valt volledig binnen de referentieregio Antwerpen. Het gaat om een werkingsgebied met de gemeenten Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Kapellen, Malle, Schilde, Schoten, Stabroek, Wijnegem, Wommelgem, Wuustwezel, Zandhoven en Zoersel. De gemeente Ranst wordt daaraan - onder voorbehoud - nog toegevoegd. De gemeente Ranst wenst in eerste instantie aan te sluiten bij het werkingsgebied gevormd door de stad Lier en de gemeenten Duffel, Sint-Katelijne-Waver en Bonheiden. Deze gemeenten liggen in de referentieregio Rivierenland. Vanuit het respect voor de autonomie van elke gemeente, kwamen de gemeenten uit het midden en noorden van de Antwerpse rand overeen dat Ranst kan aansluiten, als de gemeente vanuit Vlaanderen geen toelating krijgt om bij dit andere werkingsgebied aan te sluiten.
Dit werkingsgebied voldoet aan de verwachtingen van de minister, zoals opgenomen in zijn schrijven aan de gemeenten van 23 oktober 2020:
De regelgeving schrijft voor dat de gemeenten die samen het werkingsgebied vormen over minimaal 50 % +1 van de stemrechten beschikken; dat de overige stemrechten (= max. 50 % -1) worden verdeeld over de publieke (Vlaams gewest, provincie) en private aandeelhouders; dat de gemeenten gevraagd worden om bij hun voorstel tot afbakening van de toekomstige woonmaatschappij ook reeds in te gaan op de verdeling van de stemrechten tussen de lokale besturen en dit op basis van objectieve criteria in functie van het sociaal woonbeleid. Er wordt voorgesteld dat het aantal sociale huurwoningen en het aantal huishoudens per gemeente zullen worden gehanteerd als objectieve criteria voor de stemrechtenverdeling tussen de betrokken gemeenten in de Algemene Vergadering, en dit in een verhouding 60%, respectievelijk 40%. De gemeente zal dit voorstel van stemrechtenverdeling opnemen in het aanvraagformulier.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, zoals gewijzigd, in het bijzonder artikel 40 e.v.
Decreet houdende wijzigingen van diverse decreten met betrekking tot wonen, zoals bekrachtigd en afgekondigd door de Vlaamse Regering op 9 juli 2021 (Belgisch Staatsblad van 10 september 2021), waarbij een regelgevend kader met betrekking tot de woonmaatschappijen wordt gecreëerd.
Schrijven van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed van 23 oktober 2020 en 18 maart 2021 aan alle burgemeesters om een voorstel van werkingsgebied in te dienen tegen 31 oktober 2021.
In het Vlaamse regeerakkoord is opgenomen dat de Sociale Huisvestingsmaatschappijen (SHM) en de Sociale Verhuurkantoren (SVK’s) tegen 1 januari 2023 één actor dienen te vormen en dit zodanig dat in iedere gemeente maar één sociale verhuurder meer actief is: de woonmaatschappij. Elke woonmaatschappij telt minimaal 1.000 sociale huurwoningen en opereert in een uniek, niet-overlappend werkingsgebied. Ze verenigt alle sociale huur- en koopactiviteiten in de gemeente of in een cluster van gemeenten.
De Vlaamse regering wenst met deze woonmaatschappij:
In een eerste stap in het proces tot oprichting van de woonmaatschappij moet het werkingsgebied worden vastgelegd. De lokale besturen dienen voor 31 oktober een werkingsgebied voor de nieuwe woonmaatschappijen af te bakenen.
Met de gemeente Wuustwezel sluiten we aan bij het werkingsgebied van de toekomstige woonmaatschappij dat wordt gevormd samen met volgende gemeenten: Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Kapellen, Malle, Schilde, Schoten, Stabroek, Wijnegem, Wommelgem, Zandhoven, Zoersel en - onder voorbehoud - Ranst.
De gemeente Wuustwezel gaat ermee akkoord dat het aantal sociale huurwoningen en het aantal huishoudens per gemeente zullen worden gehanteerd als objectieve criteria voor de stemrechtenverdeling tussen de betrokken gemeenten in de Algemene Vergadering, en dit in een verhouding 60%, respectievelijk 40%. Deze stemrechtenverdeling zal worden geactualiseerd bij het begin (en halfweg) de legislatuur. De gemeente zal deze afspraken van stemrechtenverdeling en -actualisatie opnemen in het aanvraagformulier.
De gemeente Wuustwezel gaat ermee akkoord dat elk betrokken lokaal bestuur een bestuursmandaat in het bestuursorgaan van de woonmaatschappij kan opnemen. Binnen dit collegiaal bestuursorgaan is de gemeente betrokken bij de operationele en strategische keuzes in de woonmaatschappij.
De gemeente maakt een afschrift van dit besluit over aan VMSW via woonmaatschappij@vmsw.be.
Deze beslissing wordt eveneens ter kennis gebracht van de provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.